Jake Xerxes Fussell - What in the Natural World


Zijn gelijknamige debuutalbum, geproduceerd door de experimentele gitarist William Tyler, wist mij al danig te bekoren. Een album gevuld met zeer persoonlijke interpretaties van voornamelijk oudere traditionals. Songs die hij leerde, doordat hij als een hedendaagse Alan Lomax regelmatig met zijn vader erop uittrok door het zuiden van de Verenigde Staten, om daar oude blues- en folkartiesten op band vast te leggen. Net als op zijn debuut blijkt op What in the Natural World, dat Fussell een uitermate goede neus heeft voor het selecteren van zijn repertoire. Vaak betreft het niet erg bekende, maar uitstekende traditionals. Opener Jump for Joy werd gebruikt voor de gelijknamige Duke Ellingtonrevue. Naast een begenadigd gitarist is Fussell een uitstekend zanger, die optimaal gebruik maakt van de mogelijkheden van stem. Zo gebruikt hij af en toe de kopstem, zoals in traditional Have You Ever Seen Peaches Growing on a Sweet Potato Vine?. Hij wordt bijgestaan door maar liefst drie bekwame Nathans, Nathan Bowles, Nathan Golub en Nathan Salsburg. Tweemaal treedt de steel gitaar van Golub op de voorgrond, zowel in Furniture Man als in Canyoneers. De inmiddels dankzij Popmagazine Heaven in Nederland bekende Joan Shelley verzorgd de achtergrondvocalen in afsluiter Lowe Bonnie,een stokoude, door Francis James Child in de negentiende eeuw verzamelde ballad. Toch klinkt het nergens gedateerd, daar zorgt de authentieke, eigentijdse voordracht van Fussell wel voor. Hij beperkt zich niet uitsluitend tot het Amerikaanse erfgoed. Voor Bells of Rhymney maakte hij gebruik van Gwalia Deserta (Wasteland of Wales), een gedicht uit 1938 van Idris Davies, een dichter uit Wales. Dit gedicht vormde trouwens ook de inspiratiebron voor de Byrdssong The Bells of Rhymney. Heugelijk feit is trouwens, dat Fussell zelf de muziek schreef voor laatstgenoemde song. Het behoort overigens tot de meest fraaie op zijn nieuwe schijf. What in the Natural World bevat wederom voornamelijk stokoude blues en folk, gebracht met respect voor het origineel, maar toch met een geheel eigen signatuur.

Theo Volk

Releasedatum: 31 maart 2017 Paradise of Bachelors



Malcolm Holcombe - Pretty Little Troubles


Een van mijn favoriete albums van het lopende decennium is Down the River van Malcolm Holcombe. Het is het enige album, waar bij beluistering het volume steevast opgeschroefd wordt. Het zijn niet alleen geweldige songs, maar Malcolm wordt hier omringd door klasbakken als Russ Pahl, Tammy Rodgers-King, Emmylou Harris, Steve Earle and last but not least Darrell Scott. Het nieuws dat Pretty Little Troubles door Darrell geproduceerd zou worden, werd door mij met groot enthousiasme vernomen. Darrell’s laatste twee albums recenseerde ik ook, waaronder zijn fraaie eerbetoon aan Ben Bullington, Ten. Het produceren van een album van Holcombe stond al heel lang op de bucketlist van Scott. Hij heeft er zich niet met een Jantje van Leiden van afgemaakt. Niet alleen was Scott producer, maar bespeelt hij een groot aantal instrumenten. Hij laat weer regelmatig horen, dat hij tot de beste muzikanten op deze aardbol behoort. Het aanbod is behoorlijk gevarieerd, hij bedient zich in The Eyes O’Josephine zelfs van Ierse traditionele folk. Good Ole Days is een zeer aanstekelijk liedje, net zo aanstekelijk als het allereerste liedje wat ik ooit van Malcolm hoorde, My Ol’ Piano. Muzikaal gezien behoort Pretty Little Troubles tot zijn allersterkste albums. Tekstueel gaat het weer zoals gebruikelijk over onrecht en de zwakkeren in de samenleving. Het album is opgedragen aan vluchtelingen en immigranten, alhoewel dit thema van alle tijden is duikt het de laatste tijd regelmatig op in de muziek, zoals bijvoorbeeld op het eveneens fraaie Migration Blues van Eric Bibb. Dat hij deze problematiek over vluchtelingen een warm hart toedraagt bewijst hij met Liberty Circus. Samen met RB Morris, Alan Kaufman en Al Maginnes treedt hij geregeld belangeloos op, om geld in te zamelen door de goede zaak. Zoals gebruikelijk verschijnt  Pretty Little Troubles weer in Nederland eerder, de Europese release staat namelijk pas gepland op 26 mei. Gelukkig zou ik zeggen, want de nieuwe schijf behoort tot zijn allerbeste werk.
Theo Volk
Releasedatum: 5 mei 2017 Gypsy Eyes Music



Cormac O Caoimh - Shiny Silvery Things


Opener Second Hand Clothes ging reeds vooraf als single aan de komende release van Shiny Silvery Things, een album wat reeds terecht menigmaal is overladen met uiterst lovende recensies. Deze uit Cork afkomstige singer-songwriter beweegt zich voornamelijk in het pure popgenre. Opener Second Hand Clothes associeerde ik direct met de Engelse groep Prefab Sprout, die reeds met hun excellente, door Thomas Dolby geproduceerde debuutalbum Steve McQueen midden jaren tachtig furore maakten. Vooral de koortjes verzorgd door Aoife Regan roepen de vergelijking met Prefab Sprout op. Net als Paddy McAloon is Cormac een ambachtelijke en excellente songsmid. Veel van zijn nummers nestelen zich al snel in je brein, omdat Cormac de meester van de herhaling is, en borrelen ze op de meest onverwachte momenten op. Een van mijn favoriete tracks is Born, wat een spannende opbouw kent. Vooral het steeds weer uitstellen van het refrein is hier een buitengewoon interessante vondst. Eigenlijk zijn er geen mindere nummers te vinden. Ook zijn teksten zijn niet erg doorsnee, zoals de openingsregels van het album reeds duidelijk maken :
Your soul’s
Second hand clothes
Worn through
At the knees and elbows
Try teach
Teach me a sadness
That fits you
Fits you like old shoes
     
Zijn stem is duidelijk herkenbaar en aangenaam. Zelf vergelijkt hij zijn muziek op Bandcamp ook nog met The Go-Betweens en Elliott Smith. Vooral liefhebbers van een groep als Prefab Sprout gaan  zich er zeker geen buil aan vallen, erg verslavend plaatje.
Theo Volk

Releasedatum: 12 mei 2017 Eigen beheer

Moinho - Elastikaminal


De Franse pianist en componist Franck Marquehosse is een echte laatbloeier, pas op zijn vierentwintigste leerde hij pianospelen. Hij nam wat pianolessen, met als enig doel dat hij wilde componeren. Inmiddels is hij veertig en een gerespecteerd musicus in eigen land. Zijn artiestennaam Moinho hield hij over aan zijn omzwervingen door Portugal. Moinho is het Portugese woord voor molen. Hij koos Moinho als artiestennaam, gewoon omdat hij het goed vond klinken. Voorganger Baltika werd lovend besproken door Jan Willem Broek op De Subjektivisten. Broek trekt vergelijkingen met de muziek van Philip Glass, Arvo Pärt, Eric Satie maar ook met droefgeestige muziek van Dustin O’Halloran en Nils Frahm. Allemaal componisten waar Franck veel naar geluisterd heeft, uiteraard hoor je die invloeden hier ook weer af en toe terug. Entre-Deux heeft hetzelfde traag voortslepende, wat de muziek van Satie kenmerkt. Overigens samen met The Keys en Fiahr  de enige andere composities, waarin alleen een piano te horen is. Naast neoklassieke en elektronische muziek luistert Franck ook naar Afrikaanse muziek, waaronder de bekende koraspeler Toumani Diabaté. Die Afrikaanse invloeden zijn duidelijk hoorbaar in het fascinerende titelnummer. De titel is ontleend aan "Du pop corn dans la tête”, een boek uit 2010 van Édith Azam. Dit is minimale muziek in optima forma. Het zit vol tempowisselingen en de toevoeging van vibrafoon en marimba bespeeld door Stéphane Garin is verrassend en verfrissend. Opener Josef is opgedragen aan zijn oudste zoon. Het kent een meeslepende opbouw, het opent met zacht, repetitief pianospel, waarnaar later een weemoedige cello het voortouw neemt. De strijkers spelen vaak een grote rol in zijn composities, zoals in het droevige Les Ondes. Met name het vioolspel weet hier diep te raken. Maar er zijn ook opgewektere stukken te vinden als Le Chien Jaune. Het is niet alleen de combinatie van lichtvoetigere en droevigere composities, die Elastikanimal tot een bijzonder luisterervaring maken, maar ook de afwisseling van leidende instrumenten. Het album verschijnt helaas op een klein Frans label en zal daardoor helaas geen reguliere Nederlandse release krijgen, maar gelukkig wel verkrijgbaar onder anderen via Bandcamp.              
Theo Volk
Releasedatum: 12 mei 2017 1631 Recordings

Seabuckthorn - Turns


Een van de leuke aspecten van het schrijven van recensies is, dat je weleens contact hebt met muzikanten. Seabuckthorn ontdekte ik onlangs dankzij de Franse pianist Moinho, die erg enthousiast was over het voorgaande album  van hem, They Haunted Mostly Thickly. Seabuckthorn is de artiestennaam van gitarist Andy Cartwright. Het vorige album werd overigens opgenomen in Montreuil, Frankrijk. Zijn populariteit is daar volgens mij groter dan in het Verenigd Koninkrijk. Hij leefde een jaar in Parijs, waar hij toen frequent live speelde. Turns is praktisch een soloproject, want hij schreef niet alleen alle composities, maar nam hij alles zelf op en mixte hij het. Hij kreeg slechts in drie nummers assistentie van William Ryan Fritch op staande bas.  Andy neemt zelf de gitaren en resonator ter hand en bespeelt tevens de drums. Zijn muziek heeft een filmisch karakter en is veelal gebaseerd op ritmes. De composities zijn beïnvloed door de hedendaagse moderne klassieke muziek en de Amerikaanse primitieven. Maar ik hoor vooral toch een eigen, spannend geluid. Veel van zijn composities komen via experiment tot stand. Overigens is Andy alweer volop bezig met de opvolger, waarvoor hij zich in mei zal terugtrekken in de Alpen. Hij hoopt dan weer nieuwe, spannende wegen in te slaan. Dat is een mooi vooruitzicht, maar voorlopig heb ik meer dan genoeg aan dit intrigerende Turns.  
Theo Volk
Releasedatum: 21 april 2017 Lost Tribe Sound



Rohey - A Million Things


De opvallende parallel tussen mijn vorige recensie over Eastern Smiles van Hanna Paulsberg Concept en A Million Things van Rohey is dat de bandleden elkaar kennen van het  conservatorium in  Trondheim. Het betreft het debuutalbum van jazz/soulkwartet Rohey, de groep is vernoemd naar zangeres Rohey Taalah, die Gambiaanse roots heeft. Rohey is Arabisch voor mijn ziel. Haar voornaam doet ze alle eer aan, want haar stem is bijzonder soulvol en zit er een prettig hees randje aan. Het stond bij voorbaat vast, dat het album niet kon mislukken. De opnames vonden plaats in de fraaie Ocean Sound Recordings studio, gelegen op het Noorse eiland Giske, met uitzicht op de Atlantische Oceaan in hartje winter. De songs werden direct live opgenomen in een opstelling zodat de muzikanten elkaar konden zien en zo dicht mogelijk bij elkaar. Dat is het resultaat absoluut ten goede gekomen. Toetsenist Ivan Blomqvist schreef alle songs op drie liedteksten na, die hij samen schreef met Rohey. De arrangementen worden echter gezamenlijk gemaakt. Zij presenteren zich nadrukkelijk als groep en dat is terecht, want de inbreng van bassist Kristian B Jacobsen en drummer Henrik Lødøen is ook groot. Drummers en bassisten willen tijdens het luisteren nog weleens aan mijn aandacht ontsnappen, maar dat gebeurt niet bij deze twee heren. Hun muziek zweeft tussen poppy jazz en funky soul in. In Is This All There Is? hoor ik de invloed van Stevie Wonder. Rohey heeft veel naar zijn muziek geluisterd, net als naar Frank Sinatra. Ze mogen intussen Jamie Cullum en Gilles Peterson, eigenaar van het hippe Brownswood-label, tot hun fans rekenen. Ook in Nederland hebben ze al bewonderaars, want ze speelden vorige op het InJazz-festival. A Million Things is andermaal het bewijs dat Noorwegen veel interessante muzikanten herbergt.
Theo Volk
Releasedatum: 28 april 2017 Jazzland


Hanna Paulsberg Concept - Eastern Smiles


Hanna Paulsberg  bracht haar jeugd door op een boerderij ten zuidwesten van Oslo. Haar vader Håkon was een jazzdrummer, wiens muziek ze haatte. Ze had helemaal niets met jazz, totdat ze op een compilatie Stan Getz & Antiôno Carlos Jobim ontdekte. Tot op de dag van vandaag is Stan Getz haar grootste inspiratiebron. Naast de Noor Fredrik Ljungkvist, Wayne Shorter, Ben Webster en Lester Young, die ze ontdekte tijdens haar studie. Ze studeerde af aan het conservatorium van Trondheim in 2011. Haar debuutalbum Waltz for Lilli verscheen reeds in 2012. Ze wordt op haar albums begeleid door de nog jongere drummer Hans Hulbækmo. Hij speelt nog in een groot aantal andere bands. Het kwartet wordt gecompleteerd door pianist Oscar Grönberg en Trygve Waldemar Fiske, die staande bas speelt. Alle drie haar begeleiders voltooiden eveneens het conservatorium van Trondheim. De composities zijn van de hand van Hanna Paulsberg. Haar saxofoon, die een warme, solide sound heeft, is leidend in de composities. Regelmatig hoor je Latijnse invloeden in hun muziek. Het album Getz/Gilberto, met daarop de wereldberoemde song The Girl From Ipanema, zal ongetwijfeld niet ontbreken in de platencollectie van Paulsberg. De muzikanten kennen elkaar al zeven jaar en spelen sindsdien al samen. Je hoort dat ook duidelijk terug in hun strakke samenspel. Eastern Smiles werd opgenomen in de legendarische Athletic Sound Studio, beroemd vanwege zijn geweldige akoestiek. Het album laat een verfrissend geluid horen. Noorwegen blijft me iedere keer weer verrassen op muziekgebied en het zal zeker niet de laatste keer zijn. 
Theo Volk
Releasedatum: 21 april 2017 Odin