Tiny Legs Tim: Elsewhere Bound


Sinds 2011 brengt de veertigjarige Gentenaar Tim de Graeve met de regelmaat van een klok om de twee jaar een nieuw album uit. Elsewhere Bound is dus inmiddels nummer vijf in die reeks. Voorganger Melodium Rag was een sober, maar zeer intens album en zijn meest geslaagde tot dan toe. Op zijn nieuwste werkstuk slaat Tim nieuwe muzikale wegen in, maar dat niet alleen, de inkleuring van de composities is veel uitgebreider. Saxen en trompetten doen met verve hun intrede. De titel is niet alleen muzikaal een verwijzing naar het gebodene, maar ook een verwijzing naar de inhoudelijke ontstaansgeschiedenis van de liedjes. Ruim twee jaar geleden schreef  Tim ze, naar aanleiding van zoals hij zelf omschreef als het einde van een grote liefde, een zevenjarige relatie die abrupt ontplofte. In Don’t Be Sorry zingt hij dan ook “I gonna find me a new best friend”. Maar bijvoorbeeld ook in Still in Love zitten er duidelijke verwijzingen naar die relatie. Dus niet alleen op persoonlijk vlak werd naar nieuwe wegen gezocht. De nieuwe muzikale wegen leveren een dampende smeltkroes op van (Afrikaanse) blues, soul, rumba, americana, Louisiana swamp en rhythm & blues. De soms broeierige sfeer wordt mooi verbeeld in de prachtige hoes van kunstenaar Jannes de Schrijver. Tim gaf zijn uitstekende begeleiders de totale vrijheid om de composities op hun eigen manier in te vullen, hetgeen het eindresultaat absoluut ten goede komt. Bovendien werd alles live in de studio zonder overdubs opgenomen. Tom Callens verzorgde de geweldige blazerarrangementen. Elsewhere Bound is niet alleen Tims meest gevarieerde en meest ambitieuze album, maar zonder enige twijfel ook zijn mooiste. Bovendien biedt het ook de mogelijkheid om nog veel verder te groeien in de nieuw ingeslagen weg. Uiteraard zal Tim de komende tijd optredens geven om de release te promoten, die data kun je eventueel hier terugvinden.            
Theo Volk
Releasedatum: 1 februari 2019 Sing My Title

And They Spoke in Anthems - Money Time



Antwerpenaar Arne Leurentop is een veelzijdig kunstenaar. Hij componeerde muziek voor theater, acteerde in kindervoorstellingen en begeleidde onder andere Liesa van der Aa. Maar bovenal is hij een superbe songsmid, multi-instrumentalist en ook nog eens een uitstekend zanger. Zijn eerste volwaardige proeve van bekwaamheid was vijf jaar geleden met  June, een album dat op veel bijval mocht rekenen. De singles  The Inventor Of Summer , Oh My God en  Summerhouse 76 kregen veel airplay op de Belgische radio. Alle instrumenten werden door Arne zelf bespeeld. Op Money Time is dat ook bijna het geval, op wat drums, percussie, synthesizer en bas partijen en wat achtergrondzang na. En net als op de voorganger weet Arne precies wat ieder liedje nodig heeft. Ook deze keer boetseerde hij de liedjes nauwgezet totdat ze perfect waren. Geen wonder dat het scheppingsproces bijna  vier jaar duurde. Vooral The Beatles, Bob Dylan en Roy Orbison vormden weer inspiratiebronnen. Geregeld komen er Beatlelesque koortjes voorbij. De composities laten de iets meer donkere kant van melancholicus Leurentop spreken. Wellicht veroorzaakt door andere inspiratiebronnen als Daniel Norgren, Damien Jurado, Jeff Tweedy, Leslie Feist en Villagers. De intrigerende, stemmige hoes (een foto gemaakt in Vietnam door de zeer getalenteerde fotograaf en cameraman Jonathan Wannyn) gaf me bij voorbaat een goed voorgevoel over dit album. Dat goede voorgevoel blijkt na een groot aantal beluisteringen te kloppen. De opmerkelijke inkleuring van de gelaagde liedjes zorgen ervoor dat je heel gemakkelijk teruggrijpt naar dit toegankelijke album en dan maakt het niet eens uit welk tijdstip van de dag het is. De cd-releaseshow is op 10 maart in de Minard in Gent. Money Time behoort tot de meest interessante releases van het moment en zal ongetwijfeld tot mijn grote favorieten van 2019 gaan behoren. Het is te hopen dat hij spoedig te zien zal zijn op de Nederlandse podia.    
Theo Volk       
Releasedatum: 1 februari 2019 Huis Mortier

Bertolf - Big Shadows of Small Things


De afgelopen jaren stond de solocarrière van Bertolf Lentink op een laag pitje, omdat hij in die periode veel toerde met de coverband Her Majesty. Samen met onder anderen Jelle Paulusma en Diedrik Nomden werden covers van Crosby, Stills, Nash & Young gebracht. Beide collega’s werkten mee, en in enkele gevallen schreven zij mee, aan intussen Bertolfs vijfde soloalbum Big Shadows of Small Things.  De meeste songs werden geschreven in zijn achtertuin, in zijn gloednieuwe thuisstudio. Deze is volledig geluidsdicht, zodat hij daar in alle rust naar hartenlust kan componeren en experimenteren zonder dat anderen daar last van hebben. De titel van het album is een verwijzing naar een Zweeds gezegde : worrying often gives small things a big shadow. Volgens Bertolf draait het op het album om het volgende : “het gaat over zorgen maken, bang zijn, nooit tevreden kunnen zijn en de schaduwen die dat over mijn leven werpt. Maar het mooie aan de titel vind ik dat het er tegelijk iets relativerends in zit. Want het zijn ook maar kleine dingen, kleine ongemakken die ik ondervind.”. Tijdens een optreden met Her Majesty in De Kleine Komedie kreeg hij last van hyperventilatie en bij een ander optreden last van oogmigraine. Deze voorvallen maakten hem angstig tijdens optredens, waardoor hij hiertegen ging opkijken. Opener Only Love handelt hierover. Eind november verscheen al het uptempo en aanstekelijke Already Down als eerste single. Het bezit een ijzersterk refrein en is voorzien van een fraai arrangement, de blazers gearrangeerd door Bertolf zelf en de strijkers door Reyer Zwart. Laatstgenoemde arrangeerde trouwens vorig jaar voor onder anderen het voor een Edison genomineerde The Jester van Yorick van Norden. Er is nog een parallel met dat album, op beiden is Dutch String Collective te horen. Dit klassiek geschoolde strijkkwartet werkt regelmatig samen met popmuzikanten. Op de helft van de songs op Big Shadows of Small Things drukken zij een belangrijke stempel. Mede door de voortreffelijke arrangementen levert dit hoogstaande composities op als Shadows en Passover. Laatstgenoemde associeerde ik meteen met Radiohead, Bertolf zelf met singer-songwriter Andy Shauf. Buiten de gearrangeerde stukken waagt Bertolf zich ook aan een zeer geslaagd country uitstapje in het heerlijk lome Awake, Rewind met fraai pedal steel spel van hemzelf. Maar is er ook plaats voor een wat steviger nummer als Please Come Back In My Life. Wintertime #1 en Wintertime #2 doen hun naam alle eer aan en ademen een winterse sfeer uit. De titels zijn trouwens een knipoog naar Waltz #1 en Waltz #2 van de betreurde singer-songwriter Elliott Smith. Het album werd mede geproduceerd door Frans Hagenaars, wiens visie hij deelt om zoveel mogelijk instrumenten tegelijkertijd op te nemen én om zoveel mogelijk te werken zonder click (metronoom). De releaseshows vinden plaats op 25 januari in Odeon, Zwolle en op 27 januari in De Kleine Komedie, Amsterdam. De overige theatershows onder de titel Soelaas kun je hier vinden. Met Big Shadows of Small Things bewijst Bertolf andermaal tot de beste songschrijvers van Nederland te behoren en blijkt het album ook nog eens zwaar verslavend te zijn. Absolute aanrader.   
Theo Volk
Releasedatum: 25 januari 2019 Excelsior

Nancy K Dillon - A Game of Swans


Zelf prijst de uit Seattle afkomstige Nancy Dillon haar muziek aan als “Okie Soul & Roots Music: Avant-Garde Americana Songs & Stories”. Vooral het verhalen vertellen is haar op het lijf geschreven. Opener Dutchman’s Gold is haar interpretatie van een bekende legende over een verborgen goudmijn, die ontdekt zou zijn door de Duitser Jacob Waltz. Voor geïnteresseerden is hier er meer over te lezen. Haar Schots-Ierse afkomst komt vooral tot uiting in de samen met Ian Lang geschreven titelsong, waarin duidelijk Keltische folkinvloeden te horen zijn. Nancy heeft regelmatig genoeg aan een sobere begeleiding, zoals in Annabelle. Slechts alleen akoestische gitaren en  een stompboard zijn genoeg om te overtuigen. Het is overigens het trieste relaas over een pioniersvrouw in de negentiende eeuw, die langzaam maar zeker gek wordt van eenzaamheid in haar blokhut. De begeleiding in de liedjes is sober, maar afwisselend. Zo wordt Fire in the Hole opgesierd door een resonatorgitaar. Samen met Schot Gavin Sutherland schreef en zingt ze het fraaie Poor Man’s Lullaby, wat een beetje aan de Everly Brothers doet denken. Nancy heeft een uiterst aangename stem, wat de toegankelijkheid tot haar muziek zeker vergroot. Doordat Nancy een onafhankelijk artiest is, wordt A Game of Swans nu pas in Europa onder de aandacht  gebracht en dat is zeer terecht, want ze is een uitstekend verhalenverteller.
Theo Volk
Releasedatum: 20 januari 2018 Eigen beheer

Rosie Carney - Bare


De pas twintigjarige singer-songwriter Rosie Carney komt oorspronkelijk uit Hampshire, Zuidoost-Engeland. Tegenwoordig is ze echter woonachtig in Downings, gelegen in het zeer afgelegen, uiterst noordelijk puntje van Ierland. Ondanks haar jonge leven is ze al een kleine tien jaar actief als muzikant en componist. Op haar vijftiende ging ze reeds van school om in New York en Los Angeles haar carrière verder vorm te geven. Haar singles bleven niet onopgemerkt en leverde haar een platencontract bij een groot label op. Muziek is een belangrijk onderdeel van haar leven, heeft zelfs een therapeutische werking op haar. Rosie heeft de nodige obstakels te verwerken gehad in haar nog jonge leven, ze had last van depressies en eetstoornissen. Bovendien trekt haar dementerende oma een grote wissel op het leven van haar moeder (mantelzorger) en haar. Nog steeds oogt Rosie als een breekbaar en kwetsbaar meisje, wat ook tot uiting komt in haar bijzonder fraaie ingetogen liedjes. Bare is niet alleen het gelijknamige titelnummer van haar debuutalbum Bare, maar dekt ook behoorlijk de tekstuele lading.  Ze durft zich in die teksten bijzonder kwetsbaar op te stellen en die teksten zijn een stuk meer volwassen als je dat van een twintigjarige zou mogen verwachten. Eigenlijk ken ik maar twee zangeressen die tekstueel een gelijkaardig volwassen debuut afleverden, Laura Nyro en Kate Bush. Sommige nummers blijken trouwens al een aantal jaren oud te zijn, zoals Humans. In de loop der jaren heeft ze ook al de nodige podiumervaring opgedaan, ze speelde al eens voor een uitverkochte National Concert Hall en een paar maanden terug in De Roode Bioscoop in Amsterdam. Al die opgedane podiumervaring hoor je terug op haar door Orri McBrearty en haarzelf geproduceerde debuut. Bare bevat breekbare liedjes die volgens mij weinig luisteraars onberoerd zullen laten.
Theo Volk
Releasedatum: 25 januari 2019 Akira Records

Graeme James - The Long Way Home



De singer-songwriter  Graeme James werd geboren in Nieuw-Zeeland, maar verhuisde op driejarige leeftijd naar Nederland, het land van zijn opa. Hij ging tot zijn negende naar school in Nieuw-Vennep, maar keerde toen terug naar zijn geboorteland. Op zijn zevende was hij in Nederland al gestart met vioollessen, met als doel om klassiek concert violist te worden. Op de middelbare school verdiepte hij zich in folk muziek. Tijdens de periode dat hij aan een universiteit studeerde leerde hij ook andere instrumenten spelen, met als belangrijkste de gitaar, die hem in staat stelde ook te gaan componeren. In plaats van muzikant werd hij echter toch leraar in het lager onderwijs.  Het lot besliste echter anders in 2012, toen hij door omstandigheden waaraan hij zelf niets kon doen, genoodzaakt werd de nachten in zijn auto door te brengen. Hij begon toen de kost te verdienen als straatzanger door op te treden in toeristenstad Queenstown. En met veel succes, hij gaf sindsdien in eigen beheer twee albums met covers uit. Dat tweede coveralbum werd gefinancierd met een crowd funding, welke binnen zevenentwintig uur succesvol was. In 2016 verscheen News From Nowhere, gevuld met eigen composities. Zijn populariteit steeg gestaag en hij bleef zodoende niet onopgemerkt voor de muziekindustrie. Nettwerk was er als de kippen bij om hem een platencontract aan te bieden, met als resultaat zijn vierde album The Long Way Home. Het is een gelaagd, modern, goed in het gehoor liggend folkalbum geworden, dat veel luisteraars zal gaan aanspreken. Ritmiek speelt vaak een belangrijke rol in zijn muziek, waardoor je geregeld ongemerkt begint mee te deinen. Naast een uitstekend zanger, neemt hij een groot aantal instrumenten voor zijn rekening, waarvan de viool uiteraard de belangrijkste is. Overigens woont Graeme, met zowel de Nieuw-Zeelandse als Nederlandse nationaliteit, sinds mei vorig jaar weer in Nederland. Naast zich te richten op zijn muziekcarrière probeert hij zich in Den Haag ook weer het Nederlands volledig machtig te maken. The Long Way Home is een toegankelijk, gelaagd modern folk album, wat volgens mij bij veel luisteraars in de smaak gaat vallen. Mij heeft het album in ieder geval in korte tijd weten te overtuigen.
Theo Volk      
Releasedatum: 25 januari 2019 Nettwerk / V2

The Flesh Eaters - I Used to Be Pretty



Achttien was ik, het jaar dat de punk zijn opwachting maakte. Mijn muzieksmaak was nog volop in ontwikkeling en ik was toen naast in reggae vooral geïnteresseerd in de muziek die uit het Verenigd Koninkrijk kwam, maar ook Amerikaanse bands als Television en Talking Heads trokken mijn aandacht. Dat er in die tijd een actieve punkscene aan de westkust van Amerika was, ontging mij toen volledig. Naast The Blasters en The Plugz werd The Flesh Eaters een van hun belangrijkste vertegenwoordigers. Deze band werd in 1977 opgericht door zanger en liedjesschrijver Chris Desjardins (aka Chris D.) en door de jaren heen de enige constante factor in deze groep. Begin jaren tachtig kwamen No Questions Asked, A Minute to Pray A Second to Die, Forever Came Today en A Hard Road to Follow uit, albums die de tand des tijds glansrijk doorstaan hebben. In de loop der jaren wisselde de bezetting regelmatig, echter vorig jaar kwam de oorspronkelijke bezetting weer bijeen. Naast Chris D. dus ook met onder andere Steve Berlin en Dave Alvin. Steve Berlin is bij het grote publiek vooral bekend als saxofonist van Los Lobos en hun meesterwerk Kiko.  Dave Alvin bracht een groot aantal prachtige solo albums uit en ook nog enkele met zijn broer Phil. Op I Used to Be Pretty zijn een aantal van hun oude nummers, in een niet al te drastisch gewijzigde versie, opnieuw opgenomen. Opvallend is de intensiteit waarmee deze heren op leeftijd nog steeds hun muziek brengen. Door de sax van Berlin onderscheidt men zich van andere bands in dit genre. Naast eigen composities vertolkt men Fleetwood Macs The Green Manalishi,The Sonics Cinderella  en The Gun Clubs She’s Like Heroin To Me. Tekstueel is Desjardins beïnvloed door poëzie, Amerikaanse pulp novelles, klassieke Europese films, tot aan samurai, horror, film noir en spaghetti westerns. I Used to Be Pretty bewijst dat de heren nog lang niet versleten zijn, integendeel, ze geven menig jonge band op het gebied van intensiteit nog het nakijken.  
Theo Volk
Releasedatum: 18 januari 2019 Yep Roc Records

Angelo de Augustine - Tomb


Ooit lonkte een veelbelovende professionele voetbalcarrière, een blessure noopte Angelo de Augustine echter te stoppen. Maar Angelo bleek ook over grote muzikale kwaliteiten te beschikken, die ontdekt werden door Sufjan Stevens en Thomas Bartlett. Zijn op het label van Sufjan Stevens verschenen, uitstekende debuut Swim Inside the Moon kreeg vreemd genoeg amper aandacht. Door zijn breekbare liedjes kwam ik toen tot de conclusie dat hij de missing link is tussen Sufjan Stevens en Elliott Smith. Op zijn tweede, door Thomas Bartlett (oa The Gloaming) geproduceerde album Tomb, zal menig luisteraar hem direct vooral associëren met de betreurde Elliott Smith. Het zijn introverte liedjes, die voornamelijk over hartzeer gaan. Net als op het debuut worden de liedjes klein gehouden, zang, gitaar en producer Bartlett, die ze op zijn bekende wijze verder inkleurt. Op Tomb laat Angelo horen een duidelijke stap voorwaarts gemaakt te hebben. Ik ben ervan overtuigd dat liefhebbers van vooral Elliott Smith en in een iets minder mate die van Sufjan Stevens dit album zullen omarmen.
Theo Volk
Releasedatum: 25 januari 2019 Asthmatic Kitten / De Konkurrent

Angelo de Augstine live:

23-02 UTRECHT: TivoliVredenburg
24-02 GENT (B): Democrazy
26-02  AMSTERDAM: Paradiso, kleine zaal

John Blek - Thistle & Thorn



Voorganger Catharsis Vol. 1 was het meest persoonlijke album van de Ierse singer-songwriter John O’Connor. Het handelt over de fysieke malheur die een paar jaar geleden op zijn pad kwam. Met als resultaat negen breekbare en tijdloze liedjes. Hij wist me met zijn gevoelige stem en subtiele finger picking diep te raken. Thistle & Thorn is inmiddels zijn vierde soloalbum en zijn meest ambitieuze.  Hij heeft voor een wat voller geluid gekozen door de toevoeging van strijkers. Uiteraard is Brian Casey weer van de partij als co-producer en bespeeld tevens de nodige instrumenten. Ook wist hij zijn favoriete zangeres Joan Shelley en Nathan Salsburg, een van zijn favoriete gitaristen, voor de opnames te strikken. Een drietal liedjes schreef hij speciaal voor die gelegenheid, ze werden in Louisville, Kentucky opgenomen. The Body is een fraai, goed in het gehoor liggend duet geworden. Een ander liedje wat ze samen zingen, Lily in the Garden, zou niet misstaan in het repertoire van Gillian Welch & Dave Rawlings.  In If I komt de meerwaarde van de strijkers duidelijk naar voren, het behoorde trouwens direct vanaf de eerste beluistering tot mijn grote favorieten. Het meest moeite om het te doorgronden had ik met Forever in Your Likeness, maar is intussen volledig geland en duikt geregeld ongevraagd in mijn bovenkamer op. Het album is overigens, om maar weer eens een cliché te gebruiken, een echte groei briljant, een album waar je dus de tijd voor moet nemen. De absolute hoogtepunten vormen voor mij Hannah en afsluiter All the Night. Het blijken de twee meest persoonlijke liedjes te zijn. All the Night is een liedje over eenzaamheid en het hunkeren naar liefde : “Another sleepless night in the city, lying wide away feeling shitty”. “Shitty” voelt John zich overigens al tijden niet meer, vooral dankzij zijn Ciara, ook een zeer getalenteerd muzikante, aan wie Thistle & Thorn is opgedragen. Afgelopen vrijdag werd de eerste video van The Blackwater vrijgegeven. Intussen heb ik het album zo’n twee maanden in huis en durf te stellen dat het absoluut niet onder doet voor zijn tijdloze voorganger. In mei en in het najaar komt John naar Nederland en België voor optredens, die binnenkort op zijn website vermeld zullen worden. Het is te hopen dat 2019 het doorbraakjaar van John gaat worden, aan de kwaliteit van zijn albums ligt het in ieder geval niet.    

Theo Volk
Releasedatum: 1 februari 2019 K&F Records

Wille and the Bandits - Paths



Vooral in het Verenigd Koninkrijk is de populariteit van het rootsrock trio Wille and the Bandits al vele jaren erg groot. Zo speelde ze al tijdens de Olympische Spelen in Londen en op prestigieuze festivals als Glastonbury en Isle of Wight. Ook op hun vijfde album Paths halen ze hun inspiratie uit de rock van de late jaren zestig en zeventig en combineert dit met nieuwe technologieën en met elementen uit de wereldmuziek, dance en hiphop. De uptempo opener One Way is een politiek statement, een terechte aanklacht tegen het huidige politieke klimaat. Veelal worden de nummers door rockinvloeden beheerst. Maar in Keep It on the Down-Low wordt op knappe wijze rap en hiphop toegevoegd. Bijzonder fraai is Four Million Days, dat ingetogen begint met daarin een hoofdrol voor de cello, maar waarin langzaam maar zeker naar een climax wordt toegewerkt. Zanger Wille werd erg gegrepen door het overlijden van de zanger van Soundgarden, Chris Cornell. Hij componeerde How Long op het strand van Cornwall en het handelt volgens Wille over hoe zwaar een depressie kan zijn en hoe lang het kan duren om deze te overwinnen. Watch You Grow schreef Wille toen hij voor het eerst vader werd en het gaat over welke veranderingen dat voor hem met zich mee bracht. Als eerste single werd Find My Way uitgebracht met intussen al ruim 112.000 views op Youtube. Een redelijk stevige rocktrack over het vinden van je weg in een wereld waar geld regeert. Favoriete song voor mij is het heerlijk groovende Judgment Day. De live reputatie van het trio is indrukwekkend, ze toerden bijvoorbeeld al met Deep Purple, Joe Bonamassa en Status Quo. Hieronder staan wat data vermeld, waar het uitstekende Paths live te horen is.
Theo Volk
Releasedatum: 1 februari 2019 Fat Toad Records
Wille and the Bandits live:
18-01 ZOETERMEER: Boerderij
19-01 TILBURG: Paradox
20-01 AMEN: Café De Amer (uitverkocht)
25-04 VERVIERS(B): Spirit of 66