Tiny Legs Tim: Elsewhere Bound


Sinds 2011 brengt de veertigjarige Gentenaar Tim de Graeve met de regelmaat van een klok om de twee jaar een nieuw album uit. Elsewhere Bound is dus inmiddels nummer vijf in die reeks. Voorganger Melodium Rag was een sober, maar zeer intens album en zijn meest geslaagde tot dan toe. Op zijn nieuwste werkstuk slaat Tim nieuwe muzikale wegen in, maar dat niet alleen, de inkleuring van de composities is veel uitgebreider. Saxen en trompetten doen met verve hun intrede. De titel is niet alleen muzikaal een verwijzing naar het gebodene, maar ook een verwijzing naar de inhoudelijke ontstaansgeschiedenis van de liedjes. Ruim twee jaar geleden schreef  Tim ze, naar aanleiding van zoals hij zelf omschreef als het einde van een grote liefde, een zevenjarige relatie die abrupt ontplofte. In Don’t Be Sorry zingt hij dan ook “I gonna find me a new best friend”. Maar bijvoorbeeld ook in Still in Love zitten er duidelijke verwijzingen naar die relatie. Dus niet alleen op persoonlijk vlak werd naar nieuwe wegen gezocht. De nieuwe muzikale wegen leveren een dampende smeltkroes op van (Afrikaanse) blues, soul, rumba, americana, Louisiana swamp en rhythm & blues. De soms broeierige sfeer wordt mooi verbeeld in de prachtige hoes van kunstenaar Jannes de Schrijver. Tim gaf zijn uitstekende begeleiders de totale vrijheid om de composities op hun eigen manier in te vullen, hetgeen het eindresultaat absoluut ten goede komt. Bovendien werd alles live in de studio zonder overdubs opgenomen. Tom Callens verzorgde de geweldige blazerarrangementen. Elsewhere Bound is niet alleen Tims meest gevarieerde en meest ambitieuze album, maar zonder enige twijfel ook zijn mooiste. Bovendien biedt het ook de mogelijkheid om nog veel verder te groeien in de nieuw ingeslagen weg. Uiteraard zal Tim de komende tijd optredens geven om de release te promoten, die data kun je eventueel hier terugvinden.            
Theo Volk
Releasedatum: 1 februari 2019 Sing My Title

And They Spoke in Anthems - Money Time



Antwerpenaar Arne Leurentop is een veelzijdig kunstenaar. Hij componeerde muziek voor theater, acteerde in kindervoorstellingen en begeleidde onder andere Liesa van der Aa. Maar bovenal is hij een superbe songsmid, multi-instrumentalist en ook nog eens een uitstekend zanger. Zijn eerste volwaardige proeve van bekwaamheid was vijf jaar geleden met  June, een album dat op veel bijval mocht rekenen. De singles  The Inventor Of Summer , Oh My God en  Summerhouse 76 kregen veel airplay op de Belgische radio. Alle instrumenten werden door Arne zelf bespeeld. Op Money Time is dat ook bijna het geval, op wat drums, percussie, synthesizer en bas partijen en wat achtergrondzang na. En net als op de voorganger weet Arne precies wat ieder liedje nodig heeft. Ook deze keer boetseerde hij de liedjes nauwgezet totdat ze perfect waren. Geen wonder dat het scheppingsproces bijna  vier jaar duurde. Vooral The Beatles, Bob Dylan en Roy Orbison vormden weer inspiratiebronnen. Geregeld komen er Beatlelesque koortjes voorbij. De composities laten de iets meer donkere kant van melancholicus Leurentop spreken. Wellicht veroorzaakt door andere inspiratiebronnen als Daniel Norgren, Damien Jurado, Jeff Tweedy, Leslie Feist en Villagers. De intrigerende, stemmige hoes (een foto gemaakt in Vietnam door de zeer getalenteerde fotograaf en cameraman Jonathan Wannyn) gaf me bij voorbaat een goed voorgevoel over dit album. Dat goede voorgevoel blijkt na een groot aantal beluisteringen te kloppen. De opmerkelijke inkleuring van de gelaagde liedjes zorgen ervoor dat je heel gemakkelijk teruggrijpt naar dit toegankelijke album en dan maakt het niet eens uit welk tijdstip van de dag het is. De cd-releaseshow is op 10 maart in de Minard in Gent. Money Time behoort tot de meest interessante releases van het moment en zal ongetwijfeld tot mijn grote favorieten van 2019 gaan behoren. Het is te hopen dat hij spoedig te zien zal zijn op de Nederlandse podia.    
Theo Volk       
Releasedatum: 1 februari 2019 Huis Mortier

Bertolf - Big Shadows of Small Things


De afgelopen jaren stond de solocarrière van Bertolf Lentink op een laag pitje, omdat hij in die periode veel toerde met de coverband Her Majesty. Samen met onder anderen Jelle Paulusma en Diedrik Nomden werden covers van Crosby, Stills, Nash & Young gebracht. Beide collega’s werkten mee, en in enkele gevallen schreven zij mee, aan intussen Bertolfs vijfde soloalbum Big Shadows of Small Things.  De meeste songs werden geschreven in zijn achtertuin, in zijn gloednieuwe thuisstudio. Deze is volledig geluidsdicht, zodat hij daar in alle rust naar hartenlust kan componeren en experimenteren zonder dat anderen daar last van hebben. De titel van het album is een verwijzing naar een Zweeds gezegde : worrying often gives small things a big shadow. Volgens Bertolf draait het op het album om het volgende : “het gaat over zorgen maken, bang zijn, nooit tevreden kunnen zijn en de schaduwen die dat over mijn leven werpt. Maar het mooie aan de titel vind ik dat het er tegelijk iets relativerends in zit. Want het zijn ook maar kleine dingen, kleine ongemakken die ik ondervind.”. Tijdens een optreden met Her Majesty in De Kleine Komedie kreeg hij last van hyperventilatie en bij een ander optreden last van oogmigraine. Deze voorvallen maakten hem angstig tijdens optredens, waardoor hij hiertegen ging opkijken. Opener Only Love handelt hierover. Eind november verscheen al het uptempo en aanstekelijke Already Down als eerste single. Het bezit een ijzersterk refrein en is voorzien van een fraai arrangement, de blazers gearrangeerd door Bertolf zelf en de strijkers door Reyer Zwart. Laatstgenoemde arrangeerde trouwens vorig jaar voor onder anderen het voor een Edison genomineerde The Jester van Yorick van Norden. Er is nog een parallel met dat album, op beiden is Dutch String Collective te horen. Dit klassiek geschoolde strijkkwartet werkt regelmatig samen met popmuzikanten. Op de helft van de songs op Big Shadows of Small Things drukken zij een belangrijke stempel. Mede door de voortreffelijke arrangementen levert dit hoogstaande composities op als Shadows en Passover. Laatstgenoemde associeerde ik meteen met Radiohead, Bertolf zelf met singer-songwriter Andy Shauf. Buiten de gearrangeerde stukken waagt Bertolf zich ook aan een zeer geslaagd country uitstapje in het heerlijk lome Awake, Rewind met fraai pedal steel spel van hemzelf. Maar is er ook plaats voor een wat steviger nummer als Please Come Back In My Life. Wintertime #1 en Wintertime #2 doen hun naam alle eer aan en ademen een winterse sfeer uit. De titels zijn trouwens een knipoog naar Waltz #1 en Waltz #2 van de betreurde singer-songwriter Elliott Smith. Het album werd mede geproduceerd door Frans Hagenaars, wiens visie hij deelt om zoveel mogelijk instrumenten tegelijkertijd op te nemen én om zoveel mogelijk te werken zonder click (metronoom). De releaseshows vinden plaats op 25 januari in Odeon, Zwolle en op 27 januari in De Kleine Komedie, Amsterdam. De overige theatershows onder de titel Soelaas kun je hier vinden. Met Big Shadows of Small Things bewijst Bertolf andermaal tot de beste songschrijvers van Nederland te behoren en blijkt het album ook nog eens zwaar verslavend te zijn. Absolute aanrader.   
Theo Volk
Releasedatum: 25 januari 2019 Excelsior

Nancy K Dillon - A Game of Swans


Zelf prijst de uit Seattle afkomstige Nancy Dillon haar muziek aan als “Okie Soul & Roots Music: Avant-Garde Americana Songs & Stories”. Vooral het verhalen vertellen is haar op het lijf geschreven. Opener Dutchman’s Gold is haar interpretatie van een bekende legende over een verborgen goudmijn, die ontdekt zou zijn door de Duitser Jacob Waltz. Voor geïnteresseerden is hier er meer over te lezen. Haar Schots-Ierse afkomst komt vooral tot uiting in de samen met Ian Lang geschreven titelsong, waarin duidelijk Keltische folkinvloeden te horen zijn. Nancy heeft regelmatig genoeg aan een sobere begeleiding, zoals in Annabelle. Slechts alleen akoestische gitaren en  een stompboard zijn genoeg om te overtuigen. Het is overigens het trieste relaas over een pioniersvrouw in de negentiende eeuw, die langzaam maar zeker gek wordt van eenzaamheid in haar blokhut. De begeleiding in de liedjes is sober, maar afwisselend. Zo wordt Fire in the Hole opgesierd door een resonatorgitaar. Samen met Schot Gavin Sutherland schreef en zingt ze het fraaie Poor Man’s Lullaby, wat een beetje aan de Everly Brothers doet denken. Nancy heeft een uiterst aangename stem, wat de toegankelijkheid tot haar muziek zeker vergroot. Doordat Nancy een onafhankelijk artiest is, wordt A Game of Swans nu pas in Europa onder de aandacht  gebracht en dat is zeer terecht, want ze is een uitstekend verhalenverteller.
Theo Volk
Releasedatum: 20 januari 2018 Eigen beheer

Rosie Carney - Bare


De pas twintigjarige singer-songwriter Rosie Carney komt oorspronkelijk uit Hampshire, Zuidoost-Engeland. Tegenwoordig is ze echter woonachtig in Downings, gelegen in het zeer afgelegen, uiterst noordelijk puntje van Ierland. Ondanks haar jonge leven is ze al een kleine tien jaar actief als muzikant en componist. Op haar vijftiende ging ze reeds van school om in New York en Los Angeles haar carrière verder vorm te geven. Haar singles bleven niet onopgemerkt en leverde haar een platencontract bij een groot label op. Muziek is een belangrijk onderdeel van haar leven, heeft zelfs een therapeutische werking op haar. Rosie heeft de nodige obstakels te verwerken gehad in haar nog jonge leven, ze had last van depressies en eetstoornissen. Bovendien trekt haar dementerende oma een grote wissel op het leven van haar moeder (mantelzorger) en haar. Nog steeds oogt Rosie als een breekbaar en kwetsbaar meisje, wat ook tot uiting komt in haar bijzonder fraaie ingetogen liedjes. Bare is niet alleen het gelijknamige titelnummer van haar debuutalbum Bare, maar dekt ook behoorlijk de tekstuele lading.  Ze durft zich in die teksten bijzonder kwetsbaar op te stellen en die teksten zijn een stuk meer volwassen als je dat van een twintigjarige zou mogen verwachten. Eigenlijk ken ik maar twee zangeressen die tekstueel een gelijkaardig volwassen debuut afleverden, Laura Nyro en Kate Bush. Sommige nummers blijken trouwens al een aantal jaren oud te zijn, zoals Humans. In de loop der jaren heeft ze ook al de nodige podiumervaring opgedaan, ze speelde al eens voor een uitverkochte National Concert Hall en een paar maanden terug in De Roode Bioscoop in Amsterdam. Al die opgedane podiumervaring hoor je terug op haar door Orri McBrearty en haarzelf geproduceerde debuut. Bare bevat breekbare liedjes die volgens mij weinig luisteraars onberoerd zullen laten.
Theo Volk
Releasedatum: 25 januari 2019 Akira Records

Graeme James - The Long Way Home



De singer-songwriter  Graeme James werd geboren in Nieuw-Zeeland, maar verhuisde op driejarige leeftijd naar Nederland, het land van zijn opa. Hij ging tot zijn negende naar school in Nieuw-Vennep, maar keerde toen terug naar zijn geboorteland. Op zijn zevende was hij in Nederland al gestart met vioollessen, met als doel om klassiek concert violist te worden. Op de middelbare school verdiepte hij zich in folk muziek. Tijdens de periode dat hij aan een universiteit studeerde leerde hij ook andere instrumenten spelen, met als belangrijkste de gitaar, die hem in staat stelde ook te gaan componeren. In plaats van muzikant werd hij echter toch leraar in het lager onderwijs.  Het lot besliste echter anders in 2012, toen hij door omstandigheden waaraan hij zelf niets kon doen, genoodzaakt werd de nachten in zijn auto door te brengen. Hij begon toen de kost te verdienen als straatzanger door op te treden in toeristenstad Queenstown. En met veel succes, hij gaf sindsdien in eigen beheer twee albums met covers uit. Dat tweede coveralbum werd gefinancierd met een crowd funding, welke binnen zevenentwintig uur succesvol was. In 2016 verscheen News From Nowhere, gevuld met eigen composities. Zijn populariteit steeg gestaag en hij bleef zodoende niet onopgemerkt voor de muziekindustrie. Nettwerk was er als de kippen bij om hem een platencontract aan te bieden, met als resultaat zijn vierde album The Long Way Home. Het is een gelaagd, modern, goed in het gehoor liggend folkalbum geworden, dat veel luisteraars zal gaan aanspreken. Ritmiek speelt vaak een belangrijke rol in zijn muziek, waardoor je geregeld ongemerkt begint mee te deinen. Naast een uitstekend zanger, neemt hij een groot aantal instrumenten voor zijn rekening, waarvan de viool uiteraard de belangrijkste is. Overigens woont Graeme, met zowel de Nieuw-Zeelandse als Nederlandse nationaliteit, sinds mei vorig jaar weer in Nederland. Naast zich te richten op zijn muziekcarrière probeert hij zich in Den Haag ook weer het Nederlands volledig machtig te maken. The Long Way Home is een toegankelijk, gelaagd modern folk album, wat volgens mij bij veel luisteraars in de smaak gaat vallen. Mij heeft het album in ieder geval in korte tijd weten te overtuigen.
Theo Volk      
Releasedatum: 25 januari 2019 Nettwerk / V2

The Flesh Eaters - I Used to Be Pretty



Achttien was ik, het jaar dat de punk zijn opwachting maakte. Mijn muzieksmaak was nog volop in ontwikkeling en ik was toen naast in reggae vooral geïnteresseerd in de muziek die uit het Verenigd Koninkrijk kwam, maar ook Amerikaanse bands als Television en Talking Heads trokken mijn aandacht. Dat er in die tijd een actieve punkscene aan de westkust van Amerika was, ontging mij toen volledig. Naast The Blasters en The Plugz werd The Flesh Eaters een van hun belangrijkste vertegenwoordigers. Deze band werd in 1977 opgericht door zanger en liedjesschrijver Chris Desjardins (aka Chris D.) en door de jaren heen de enige constante factor in deze groep. Begin jaren tachtig kwamen No Questions Asked, A Minute to Pray A Second to Die, Forever Came Today en A Hard Road to Follow uit, albums die de tand des tijds glansrijk doorstaan hebben. In de loop der jaren wisselde de bezetting regelmatig, echter vorig jaar kwam de oorspronkelijke bezetting weer bijeen. Naast Chris D. dus ook met onder andere Steve Berlin en Dave Alvin. Steve Berlin is bij het grote publiek vooral bekend als saxofonist van Los Lobos en hun meesterwerk Kiko.  Dave Alvin bracht een groot aantal prachtige solo albums uit en ook nog enkele met zijn broer Phil. Op I Used to Be Pretty zijn een aantal van hun oude nummers, in een niet al te drastisch gewijzigde versie, opnieuw opgenomen. Opvallend is de intensiteit waarmee deze heren op leeftijd nog steeds hun muziek brengen. Door de sax van Berlin onderscheidt men zich van andere bands in dit genre. Naast eigen composities vertolkt men Fleetwood Macs The Green Manalishi,The Sonics Cinderella  en The Gun Clubs She’s Like Heroin To Me. Tekstueel is Desjardins beïnvloed door poëzie, Amerikaanse pulp novelles, klassieke Europese films, tot aan samurai, horror, film noir en spaghetti westerns. I Used to Be Pretty bewijst dat de heren nog lang niet versleten zijn, integendeel, ze geven menig jonge band op het gebied van intensiteit nog het nakijken.  
Theo Volk
Releasedatum: 18 januari 2019 Yep Roc Records

Angelo de Augustine - Tomb


Ooit lonkte een veelbelovende professionele voetbalcarrière, een blessure noopte Angelo de Augustine echter te stoppen. Maar Angelo bleek ook over grote muzikale kwaliteiten te beschikken, die ontdekt werden door Sufjan Stevens en Thomas Bartlett. Zijn op het label van Sufjan Stevens verschenen, uitstekende debuut Swim Inside the Moon kreeg vreemd genoeg amper aandacht. Door zijn breekbare liedjes kwam ik toen tot de conclusie dat hij de missing link is tussen Sufjan Stevens en Elliott Smith. Op zijn tweede, door Thomas Bartlett (oa The Gloaming) geproduceerde album Tomb, zal menig luisteraar hem direct vooral associëren met de betreurde Elliott Smith. Het zijn introverte liedjes, die voornamelijk over hartzeer gaan. Net als op het debuut worden de liedjes klein gehouden, zang, gitaar en producer Bartlett, die ze op zijn bekende wijze verder inkleurt. Op Tomb laat Angelo horen een duidelijke stap voorwaarts gemaakt te hebben. Ik ben ervan overtuigd dat liefhebbers van vooral Elliott Smith en in een iets minder mate die van Sufjan Stevens dit album zullen omarmen.
Theo Volk
Releasedatum: 25 januari 2019 Asthmatic Kitten / De Konkurrent

Angelo de Augstine live:

23-02 UTRECHT: TivoliVredenburg
24-02 GENT (B): Democrazy
26-02  AMSTERDAM: Paradiso, kleine zaal

John Blek - Thistle & Thorn



Voorganger Catharsis Vol. 1 was het meest persoonlijke album van de Ierse singer-songwriter John O’Connor. Het handelt over de fysieke malheur die een paar jaar geleden op zijn pad kwam. Met als resultaat negen breekbare en tijdloze liedjes. Hij wist me met zijn gevoelige stem en subtiele finger picking diep te raken. Thistle & Thorn is inmiddels zijn vierde soloalbum en zijn meest ambitieuze.  Hij heeft voor een wat voller geluid gekozen door de toevoeging van strijkers. Uiteraard is Brian Casey weer van de partij als co-producer en bespeeld tevens de nodige instrumenten. Ook wist hij zijn favoriete zangeres Joan Shelley en Nathan Salsburg, een van zijn favoriete gitaristen, voor de opnames te strikken. Een drietal liedjes schreef hij speciaal voor die gelegenheid, ze werden in Louisville, Kentucky opgenomen. The Body is een fraai, goed in het gehoor liggend duet geworden. Een ander liedje wat ze samen zingen, Lily in the Garden, zou niet misstaan in het repertoire van Gillian Welch & Dave Rawlings.  In If I komt de meerwaarde van de strijkers duidelijk naar voren, het behoorde trouwens direct vanaf de eerste beluistering tot mijn grote favorieten. Het meest moeite om het te doorgronden had ik met Forever in Your Likeness, maar is intussen volledig geland en duikt geregeld ongevraagd in mijn bovenkamer op. Het album is overigens, om maar weer eens een cliché te gebruiken, een echte groei briljant, een album waar je dus de tijd voor moet nemen. De absolute hoogtepunten vormen voor mij Hannah en afsluiter All the Night. Het blijken de twee meest persoonlijke liedjes te zijn. All the Night is een liedje over eenzaamheid en het hunkeren naar liefde : “Another sleepless night in the city, lying wide away feeling shitty”. “Shitty” voelt John zich overigens al tijden niet meer, vooral dankzij zijn Ciara, ook een zeer getalenteerd muzikante, aan wie Thistle & Thorn is opgedragen. Afgelopen vrijdag werd de eerste video van The Blackwater vrijgegeven. Intussen heb ik het album zo’n twee maanden in huis en durf te stellen dat het absoluut niet onder doet voor zijn tijdloze voorganger. In mei en in het najaar komt John naar Nederland en België voor optredens, die binnenkort op zijn website vermeld zullen worden. Het is te hopen dat 2019 het doorbraakjaar van John gaat worden, aan de kwaliteit van zijn albums ligt het in ieder geval niet.    

Theo Volk
Releasedatum: 1 februari 2019 K&F Records

Wille and the Bandits - Paths



Vooral in het Verenigd Koninkrijk is de populariteit van het rootsrock trio Wille and the Bandits al vele jaren erg groot. Zo speelde ze al tijdens de Olympische Spelen in Londen en op prestigieuze festivals als Glastonbury en Isle of Wight. Ook op hun vijfde album Paths halen ze hun inspiratie uit de rock van de late jaren zestig en zeventig en combineert dit met nieuwe technologieën en met elementen uit de wereldmuziek, dance en hiphop. De uptempo opener One Way is een politiek statement, een terechte aanklacht tegen het huidige politieke klimaat. Veelal worden de nummers door rockinvloeden beheerst. Maar in Keep It on the Down-Low wordt op knappe wijze rap en hiphop toegevoegd. Bijzonder fraai is Four Million Days, dat ingetogen begint met daarin een hoofdrol voor de cello, maar waarin langzaam maar zeker naar een climax wordt toegewerkt. Zanger Wille werd erg gegrepen door het overlijden van de zanger van Soundgarden, Chris Cornell. Hij componeerde How Long op het strand van Cornwall en het handelt volgens Wille over hoe zwaar een depressie kan zijn en hoe lang het kan duren om deze te overwinnen. Watch You Grow schreef Wille toen hij voor het eerst vader werd en het gaat over welke veranderingen dat voor hem met zich mee bracht. Als eerste single werd Find My Way uitgebracht met intussen al ruim 112.000 views op Youtube. Een redelijk stevige rocktrack over het vinden van je weg in een wereld waar geld regeert. Favoriete song voor mij is het heerlijk groovende Judgment Day. De live reputatie van het trio is indrukwekkend, ze toerden bijvoorbeeld al met Deep Purple, Joe Bonamassa en Status Quo. Hieronder staan wat data vermeld, waar het uitstekende Paths live te horen is.
Theo Volk
Releasedatum: 1 februari 2019 Fat Toad Records
Wille and the Bandits live:
18-01 ZOETERMEER: Boerderij
19-01 TILBURG: Paradox
20-01 AMEN: Café De Amer (uitverkocht)
25-04 VERVIERS(B): Spirit of 66

The Delines - The Imperial


Wanneer je het nieuwe album, The Imperial, hebt gehoord dan weet je het zeker. Dit zou zomaar gerubriceerd kunnen worden als middernacht-countrysoul. De teksten en muziek van Willy Vlautin zijn Amy Boone als op het lijf geschreven. Ik las ergens dat voormalig Richmond Fontaine frontman als een blok viel voor haar zang. En wanneer je zijn songs vergelijkt met de jaren Richmond Fontaine jaren, dan kun je terecht concluderen dat hij zijn best heeft gedaan voor haar. Een volstrekt andere sfeer wordt opgeroepen met de muziek van The Delines, terwijl Vlautin’s stijl qua verhalende tekst herkenbaar blijft. Het avontuur van dit nieuwe initiatief werd na hun veelbelovende start abrupt op een hold gezet. Amy Boone werd drie jaar geleden aangereden door een auto, waarbij haar benen serieus beschadigd werden, dusdanig dat haar een noodzakelijke revalidatie te deel viel. Geen prettige periode, dat lijkt me overduidelijk, echter haar stem heeft er niet onder geleden. Lekkere lome jazzy songs zoals Rikkie Lee Jones ze heeft gezongen. Tevens doet haar zang mij ietwat denken aan Carole Bayer Sager. Diens hese stem had echter een dusdanig breekbare aard dat ze besloot zich primair toe te leggen op songs schrijven in plaats van ze zelf uit te voeren.

Het debuut, Colfax, (2014 alweer!) werd aanvankelijk gezien als een probeersel, maar vanwege positieve reacties op het album werd een even succesvolle tour uitgerold. De nummers op The Imperial kwamen tot stand na intensief optreden, musiceren en bijschaven. Alles leek op zijn plaats te vallen, zeker toen een coherente line-up van de band was ontstaan, tot Amy’s onfortuinlijk ongeluk. Roll Back My Life is een dusdanig treffend nummer, dat je bijna genegen bent te denken dat het refereert aan Amy’s barre achterliggende periode, maar eerlijkheid gebied te zeggen dat ik niet weet wanneer het ontstond. De luisterrijke sfeer wordt uitgestrekt over het volledige album. Stapvoets trekt het album aan je voorbij, opgefleurd met sobere blazers, die zich tot gematigd euforisch ontpoppen in He Don’t Burn For Me met Cory Gray op trompet. Ach, laat ik niet teveel verklappen, want de verhalende kracht van Vlautin in Holly The Hustle weet je minstens zo vakkundig naar de speakers te lokken. Eind april, begin mei staat deze band op de Nederlandse podia.

Rein van den Berg

Releasedatum: 11 januari 2019 Deccor / El Cortez Records
Website: http://thedelines.com/




The Delines live:

27 april – Bakkeveen, Muziekpodium Bakkeveen
28 april – Wageningen, Theater Junushoff
30 april – Den Haag, Acoustic Alley
01 mei – Rotterdam, Kantine Walhalla
02 mei – Goes, ’t Beest
03 mei – Amen, De Amer
06 mei – Eindhoven, Meneer Frits
07 mei – Utrecht, TivoliVredenburg

Helen Rose - Trouble Holding Back



Helen Rose Katherine Wright is een jonge talentvolle zangeres en saxofonist. Ze leerde zich voornamelijk zelf saxofoon spelen toen ze op de lagere school zat. Op de middelbare school stopte ze ermee, maar ze leerde na haar schooltijd producer Marvin Erzioni kennen en hij wist haar te overtuigen opnieuw het instrument op te pikken.  Haar partner Kramer, zelf ook een begenadigd muzikant, hielp haar daarna de muzikale theorie op te poetsen. Heel toevallig ontdekte ik dat ze een goede vriendin is van Mary-Elaine Jenkins, wier fraaie debuutalbum Hold Still ik vorig jaar recenseerde. Volgende maand gaan ze een samen geschreven song opnemen. Wat beiden gemeen hebben is een opvallend stemgeluid. Vooral als de zang van Helen de hoogte in gaat, zoals in de bekende traditional When the Levee Breaks op haar debuutalbum Trouble Holding Back. Helen  woonde zes maanden in de van haar oom gehuurde loft in New York. Met haar zuur verdiende centen als serveerster bekostigde ze de studiotijd voor het album. Marvin Erzioni werd aangetrokken als producer, een voor de hand liggende en goede keuze, omdat ze elkaar al kenden. Bovendien schreef Erzioni mee aan zeven van de tien composities, waarvan een drietal samen met Helen. Het resultaat is een gevarieerd repertoire, waarbij ze inspiratie vond in de blues rock, country soul tot aan rock & roll. Opener Love and Whiskey had niet misstaan op Exile on Main Street van The Rolling Stones.  Vanwege het heerlijke strijkersarrangement associeerde ik het bijzonder fraaie Flatlands of North Dakota met het klassieke album Dusty in Memphis. Traditional When the Levee Breaks wordt in een trage en enigszins lome versie volledig naar haar hand gezet. Een van de hoogtepunten vormt voor mij het door Erzioni geschreven Mississippi Moon. Misschien nog wel mooier is A Dangerous Tender Man, met bijzonder fraai gitaarwerk en dito arrangement. Helen schreef eraan mee en bewijst daarmee ook een begiftigd componist te zijn.  In het titelnummer Trouble Holding Back valt de saxofoon van Helen op door simpel, maar inventief spel. Helen kan zich goed inleven in composities van anderen, The Mountain van Steve Earle krijgt een geheel eigen, ingetogen, bloedmooie vertolking. Helen wordt  omringd door uitstekende muzikanten, waaronder de bekende singer-songwriter Jonah Tolchin. Afsluiter Love on Arrival behoort ook zeker tot de hoogtepunten, vooral door het inventieve saxofoon spel van Helen. Het debuut Trouble Holding Back is niet alleen erg gevarieerd, maar bovendien een indrukwekkende staalkaart van de grote talenten van Helen. Geloof me, Helen wordt een blijvertje.
Theo Volk
Releasedatum: 25 januari 2019 Monkey Room Music

Terry Klein - Tex





Het lijkt steeds meer een trend te worden, succesvolle samenwerkingen tussen Nederlandse en Amerikaanse americana artiesten. Recente voorbeelden hiervan zijn bijvoorbeeld Milford Milligan & The Southern Aces en Judy Blank. Tex is het tweede album van singer-songwriter Terry Klein uit Austin, Texas. Twee jaar terug bracht de bescheiden Terry me zelf zijn fraaie debuut Great Northern onder de aandacht. Hij had toen net zijn baan als advocaat aan de wilgen gehangen en zoals bleek na beluistering van dat debuut een terechte keuze. Hij werd niet voor niets de protegé van Mary Gauthier en tevens bewierookt door Rodney Crowell. Ook Tex werd vakkundig geproduceerd door Walt Wilkins. Naast geweldige Texaanse muzikanten, waaronder revelatie Jaimee Harris, ook onze Bart de Win op piano, keyboards en accordeon. De titel blijkt een verwijzing te zijn naar de ietwat vreemde bijnaam, die hij ooit van zijn vader kreeg.  Opener Sagamore Bridge is een publiekslieveling tijdens concerten. Het is een haatliefde ode aan het bekende vakantieparadijs, waarin de viool van Warren Hood de hoofdrol opeist. Mijn persoonlijke favorieten zijn Anika en Steady Rain. Het zijn de twee songs, die Terry het laatst schreef voor het album. In Anika schittert de Win op accordeon en wordt verder opgesierd met de fraaie achtergrondvocalen van Jaimee Harris. Aan Anika Larsen bewaart Terry goede herinneringen, zij was het allereerste meisje, door wie hij het eerst gekust werd. Anika Larsen is overigens nu een bekende Broadway ster. In het liedje zit een verwijzing naar het bekende boek “Wuthering Heights” van Emily Brontë, wat hij recent las. Steady Rain is losjes gebaseerd op de carrière van diens broer als journalist en diens werk voor U.S. Department of State. In 1993 bezocht Terry Moskou en ontmoette daar de Nederlandse Anita. Zij was de vriendin van een vriend van zijn broer. De familie van zijn grootmoeder kwam overigens oorspronkelijk uit deze regio, Oekraïne en Wit-Rusland. Muzikaal gezien werd hij voor dit liedje geïnspireerd door een favoriet Beastie Boys liedje van hem, Something's Got to Give. Het einde heeft door het gitaarspel en gebruik van geluidscollages veel weg van een Pink Floyd nummer. Wie goed luistert hoort op het einde Arianne Knegt op de achtergrond praten. Mooi dat Terry het experiment niet uit de weg gaat. Een bijzonder geslaagde compositie, mede dankzij het toetsenwerk van Bart en gitaarspel van Corby Schaub. Vermeldenswaard is zeker ook When the Ocotillo Bloom wat ik door het accordeonspel van Bart associeer met maestro Flaco Jiménez. Het is de bedoeling dat Terry in juni naar Nederland komt voor concerten. Great Northern was al prachtig, maar wordt toch met speels gemak overtroffen door opvolger Tex.      
Theo Volk
Releasedatum: 25 januari 2019 Eigen beheer
Website: https://www.terrykleinmusic.com/

Champagne Charlie - Sixpack



Op 9 december zette de zesmansformatie Champagne Charlie in De Spot in Middelburg hun dertigjarig jubileum luister bij met de release van hun veertiende album Sixpack. Deze door de wol geverfde muzikanten vernoemden zich  naar de gelijknamige, bekende negentiende eeuwse music hall performer. Wat ze met hem gemeen hebben is, dat ze hun publiek bijzonder goed kunnen vermaken met hun feel good muziek. Hun slogan is niet voor niets “Champagne Charlie is the name: good time music is the game”. Grote veelzijdigheid is een kenmerk van hen, Sixpack is wederom een geweldige staalkaart van een groot aantal genres, van blues, country, swing, Tex Mex, folk, americana, jug band, gospel, skiffle tot aan zydeco. Ze kunnen gezien worden als een geweldige ambassadeur van de Amerikaanse blues- en rootsmuziek. Hun muziek is erg laagdrempelig en ik denk dat er maar weinig luisteraars zullen zijn, die niet ingepakt zullen worden door hun uitgekiende selectie van hun covers en enkele eigen nummers. De nodige klassiekers komen voorbij, Goodnight Irene van Leadbelly, Can’t Be Satisfied van Muddy Waters, het heerlijke Queen Bee van Taj Mahal, tot aan de bekende cowboy ballade Streets of Laredo (aka Cowboy’s Lament). Champagne Charlie beschikt met Sjef Hermans en Theo de Koning over twee uitstekende zangers. Mondharmonicavirtuoos Gait Klein Kromhof is tweevoudig winnaar Dutch Blues Award en ook de heren Geert de Heer, Peter Bout en Peter Lenselink staan hun mannetje. Live deelden ze bijvoorbeeld het podium met Hans Theessink en de maestro van de akoestische blues, Doug MacLeod. Sixpack is een album waarbij het moeilijk stilzitten is, sterker nog, het is voor mij onmogelijk. Mochten ze bij je in de buurt spelen, twijfel niet, want op het podium komen ze nog beter tot hun recht.
Theo Volk
Releasedatum: 9 december 2018 Eigen beheer


Wannes Cappelle/broeder Dieleman/Frans Grapperhaus - Dit Is de Bedoeling



West-Vlaming Wannes Cappelle, frontman van Het Zesde Metaal, werkte in het verleden al veel samen met anderen. Zo maakte hij de theatervoorstelling “Maanziek”, samen met cabaretier Wouter Deprez en de Nederlandse cellist Frans Grapperhaus. Samen met broeder Dieleman en Frans Grapperhaus werd Cappelle door GrensGeluid, een initiatief van AB, Motel Mozaïque Festival en Vlaams Cultuurhuis De Brakke Grond, uitgenodigd en uitgedaagd om twee maanden lang muzikaal samen te werken. De samenwerking tussen Cappelle en Dieleman is voor mij voor de hand liggend. Beiden zingen in een arcadisch dialect, wat erg regio gebonden is, maar die toch ook wel een beetje op elkaar lijken. Bovendien hebben beiden een eigen unieke schrijfstijl ontwikkeld. Deze samenwerking levert een zestal prachtige pennenvruchten op. Soms is het resultaat meer verwant met het bestaande Dieleman repertoire en een andere keer meer met dat van Cappelle, maar met altijd een prominente rol voor de cello van Grapperhaus. De sterke liedjes weten, zoals we van de heren gewend zijn, te ontroeren en recht naar het hart te gaan. Zo heeft opener Vergeving een positieve boodschap.  Of ze dan wel of niet gebeurd zijn maakt niet uit, zoals De Ballade van Lanza, waarin men zingt : “ ‘k weet nie of ‘t echt gebeurd is, maar het is wel echt verteld”. Het liedje handelt over de pelgrimsreis van iemand die naar India trekt. Maar toch zijn het alle zes liedjes, met een universele inslag, waar menigeen zich in zal herkennen, zowel in Nederland als in Vlaanderen, vandaar dat vanaf 18 januari voorstellingen in beide landen gepland staan. Bovendien wordt Dit Is de Bedoeling op 18 januari op vinyl en cd uitgebracht zowel op het Nederlandse Snowstar Records als op het Belgische Unday Records.
Theo Volk
Releasedatum: 18 januari 2019 Snowstar Records/Unday Records



Replay: Theo's Top 10 van 1969

1. Nick Drake - Five Leaves Left

2. Laura Nyro - New York Tendaberry

3. The Rolling Stones - Let It Bleed

4. Fairport Convention - Liege & Lief

5. King Crimson - In the Court of the Crimson King

6. Mickey Newbury - Looks Like Rain

7. Fleetwood Mac - Then Play On

8. Townes van Zandt - Townes van Zandt

9. Tim Buckley - Happy Sad

10. The Velvet Underground - The Velvet Underground


Allereerst, alle lezers van mijn blog een voorspoedig 2019 toegewenst! Traditiegetrouw komt de releasestroom ongeveer pas half januari weer op gang. Mooie gelegenheid om eens terug te blikken wat precies een halve eeuw geleden mijn tien favoriete albums waren. Onbetwiste nummer een is het tijdloze album Five Leaves Left van Nick Drake. Een album wat in het jaar van verschijnen nauwelijks verkocht werd en amper aandacht van de schrijvende pers kreeg. Wel werd Drake door Sandy Denny op juiste waarde geschat, want hij mocht vijf keer het voorprogramma verzorgen van Fotheringay en tweemaal van Fairport Convention. Overigens zou hij slechts  zevenentwintig keer tijdens zijn leven live optreden. In 1969 was Fairport Convention op hun hoogtepunt en bracht dat jaar twee schitterende albums uit. Unhalfbricking met het door Denny geschreven en gezongen prijsnummer Who Knows Where the Time Goes? en Liege & Lief, waarop het door Dave Swarbrick en Richard Thompson geschreven Crazy Man Michael een van de hoogtepunten is. Overigens was het in die tijd niet heel ongebruikelijk om meer dan een album per jaar uit te brengen. Zo bracht Tim Buckley dat jaar Blue Afternoon en Happy Sad uit. Een groot aantal nummers van laatstgenoemde album zijn terug te vinden op een van de mooiste live albums, die er ooit gemaakt zijn, Dream Letter. New York Tendaberry van de eigenzinnige New-Yorkse singer-songwriter Laura Nyro, ligt in het verlengde van de intense voorganger Eli and the Thirteenth Confession, en is van hetzelfde hoge niveau. Tot de allerbeste Stones albums behoort Let It Bleed. Opener Gimme Shelter is een van de hoogtepunten, vooral door de zang van Merry Clayton, die de hoge noten moest zingen, omdat Mick Jagger daar zelf niet toe in staat was. Bovendien mocht ze zelf de invulling bepalen van Jagger en dat blijkt achteraf de juiste beslissing te zijn geweest. Een ander hoogtepunt is You Can't Always Get What You Want, waarop het London Bach Choir te horen is. Ook mag het fantastische bluesnummer Midnight Rambler zeker niet onvermeld blijven. Een van de allereerste albums die ik ooit kocht was In the Court of the Crimson King van King Crimson, gestoken in een bijzonder fraaie klaphoes. Het werd een invloedrijk album, waarop de prachtige vocalen verzorgd werden door Greg Lake en de poëtische teksten waren van de hand van Pete Sinfield. De opener 21st Century Schizoid Man klinkt ook nu nog altijd even tijdloos en werd een klassieker. Helaas bleef Mickey Newbury vrijwel onbekend bij het grote publiek wat heel jammer is, zoals blijkt uit Looks Like Rain. De muziek van Newbury is uniek en met geen andere artiest te vergelijken, bovendien bezat hij een prachtige stem. Ook Fleetwood Mac bracht in 1969 twee fraaie albums uit. Op English Rose zijn prijsnummers te vinden als Black Magic Woman en Albatross, beiden grote hits. Mijn voorkeur gaat echter uit naar het meer experimentele Then Play On, met daarop onder anderen het bekende Oh Well. Ook Townes van Zandt bracht dat jaar twee albums uit, Our Mother the Mountain en Townes van Zandt. Op laatstgenoemde staan Lungs en For the Sake of the Song, twee veel gecoverde liedjes. Maar ook mijn favoriete liedje van hem, (Quicksilver Daydreams Of) Maria. Het redelijk ingetogen The Velvet Underground is mijn favoriete album van de gelijknamige band en niet hun meer bewierookte debuut. 

Theo Volk