David Olney - When The Deal Goes Down

David Olney begon vroege jaren zeventig als folkzanger. In 1973 trok hij naar Nashville en kwam zodoende in de country scène terecht. Hij bleef zich echter gaandeweg muzikaal steeds verder ontwikkelen. Zijn faam werd groter en dat leidde ertoe dat zijn songs werden opgenomen door uiteenlopende artiesten als Emmylou Harris, Linda Ronstadt, Tim O’Brien, Niamh Parsons en Freek de Jonge. Zijn nieuwste album When The Deal Goes Downis de tweede release dit jaar. Eerder bracht hij het uitstekende live-album Sweet Poison uit. Bovendien schreef hij voor de Shakespeare productie As You Like It muziek. Ook zal hij in diezelfde voorstelling deze zomer de rol van Lord Amiens spelen. Een druk baasje. Zijn voorliefde voor Shakespeare is groot. Een op deze Engelse toneelschrijver geïnspireerd sonnet is aan dit album toegevoegd.


De hoes is macaber. Op de tafel staan twee doodshoofden. Bovendien werpt hij met strakke blik de aanschouwer schoppenaas toe, symbool voor de Dood. Op de binnenhoes eenzelfde soort foto waarop hij wrang lacht. Voor de teksten geldt hetzelfde. Het gaat van komisch (Mister Stay At Home) tot tragisch (Scarecrow Man). De muziek varieert van rock (When The Deal Goes Down en Big Blue Hole) naar jazz (Servant, Job) tot folk (Little Bird). Eén van de vele hoogtepunten (Sad Saturday Night) heeft Olney  samen geschreven met John  Hadley en onze Ad vanderVeen!

 
Het album werd geproduceerd door Olney en bluesman Mark Robinson. Bluesinvloeden zijn tevens op het album te horen. Bijzonder aan het album is dat het ondanks de grote variatie toch een coherent geheel geworden is. Olney mag dan niet de allerbeste zanger zijn, hij zingt niet altijd even zuiver (wat ik geen probleem vind), maar als songschrijver mag hij tot de allerbesten gerekend worden. Ook door collega Townes van Zandt werd hij op juiste waarde geschat. Die rekende hem samen met Dylan, Mozart en Lightnin’ Hopkins tot zijn favoriete artiesten. Olney is in staat om songs met sterke melodieën te schrijven die na verloop van tijd niet meer uit je hoofd te branden zijn. U bent gewaarschuwd: When The Deal Goes Down is een verslavend plaatje!


Theo Volk

Webpage http://www.davidolney.com/
Releasedatum 8 juli 2014 Deadbeet Records

 

Malcom Holcombe - Pitiful Blues

Zelden waren mijn verwachtingen voor een album zo hooggespannen als juist bij het uitkomen van Pitiful Blues. Het vorige album van Malcolm Holcombe Down The River was voor mij niets minder dan een meesterwerk. Op dat album werd hij bijgestaan door een keur aan ras muzikanten, zoals Russ Pahl, Tammy Rogers-King, Emmylou Harris, Steve Earle en Darrell Scott. Het vormde tot dan het hoogtepunt in zijn carrière. Overigens wijdde het gezaghebbende Allmusic er geen recensie aan. Schande! Door collega Tim O’Brien werd hij wel op juiste wijze gewaardeerd. Hij schreef over Down The River: “Malcolm Holcombe’s music is essential and timeless and it makes the world a better place”. Korter en bondiger had ik het niet kunnen omschrijven.



Op Pitiful Blues gromt Malcom Holcombe zoals gewoonlijk zijn teksten en plukt hij als vanouds aan zijn akoestische gitaar. De songs liggen in het verlengde van die op Down The River. De nadruk ligt echter iets meer op de melodie dan op het ritme. Het album opent met het indrukwekkende Pitiful Blues. Hij is als geen ander in staat om de luisteraar naar zich toe trekken. Holcombe schrijft teksten van vlees en bloed, waarmee hij de luisteraar weet te ontroeren. Amper bekomen van de prachtige opener volgt het schitterende Roots. De fiddle van Luke Bulla maakt dit nummer tot een van de hoogtepunten. Het gitaarwerk van Jared Tyler op Sign For A Sally is ronduit geweldig. Tyler produceerde trouwens op voortreffelijke wijze samen met Holcombe deze plaat. Savannah Blues is het volgende hoogtepunt. De zang in dit nummer is indringend en onheilspellend, evenals de tekst. Another Despair is een catchy nummer met een heerlijke slide. In By The Boots veegt hij de vloer aan met politici. De gitaar van Jared Tyler excelleert wederom. Ook binnen Words Not Spokenweet Holcombe zich op eenvoudige wijze zeer plastisch uit te drukken: “Words down your throat won’t go away”. Hét hoogtepunt van het album is voor mij Words Of December. Wat een prachtige tekst en melodie. The Music Plays Onbevat wederom fantastisch gitaarwerk. Het fraaie en ingetogen For The Love Of A Dad vormt de waardige afsluiter.



Pitiful Blues is zeker net zo mooi als voorganger Down The River. Het behoort tot het allermooiste wat 2014 te bieden heeft. Wie weet levert het Holcombe nu wel een recensie op binnen Allmusic. Het zou niet meer dan terecht zijn!


Theo Volk.

Webpage http://www.malcolmholcombe.com/
Releasedatum,  4 augustus 2014 Gipsy Eyes Music

 

Linde Nijland - I am Here

Met dank aan Hans is dit mijn eerste kennismaking met de muziek van Linde Nijland. Van 1995 tot 2007 vormde zij samen met Annemarieke Coenders het duo Ygdrassil. Samen brachten zij vijf cd’s en een dvd uit. Het uiteen vallen van dat duo was een grote stap voor Linde maar gaf ruimte voor nieuwe uitdagingen zoals een optreden in de Barbican Hall in Londen in 2009 en een muzikale reis in 2008 over land naar Bhutan.

Het nieuwe album I Am Here is voor haar een belangrijk album geworden. Zeven van de liedjes zijn door haar zelf gecomponeerd en staan daardoor dicht bij haar. Ze ziet het zelf als een singer-songwriteralbum met uitstapjes. Ieder liedje heeft van haar evenveel aandacht gekregen, ongeacht of het door haar zelf geschreven is of niet. Het album werd bij haar thuis in de woonkamer opgenomen. Dit op de drumpartijen van Gilbert Terpstra na.




Het album opent prachtig met het zelf geschreven Life Incomplete. Het lied heeft enigszins te maken met het plotselinge overlijden van haar moeder drie jaar geleden. Ze wordt hierop sfeervol begeleid op accordeon door muzikaal begeleider en partner Bert Ridderbos. Het schrijven van liedjes gaat snel bij haar. Tekst en muziek ontstaan bijna tegelijkertijd. Het nummer Ocean Gypsy van Renaissance kent ze sinds haar vroegste jeugd, dankzij de platencollectie van haar vader. Het is een eerbetoon aan haar moeder, die heel erg van de zee hield.

Min of meer onbewust is het thema zee terechtgekomen op haar nieuwe album. Het is een thema wat haar erg boeit. In Bye, Bye Diddledy – Dye excelleert Joost van Es op fiddle. Het lied wordt verder opgefleurd door banjo, drums en handgeklap. Leaving London van Tom Paxton nam ze op aanraden op. Een zeer toepasselijke keuze, het thema zee komt erin voor evenals de folk club The Troubadour in Londen, waar in de jaren zestig grootheden als Bob Dylan en Sandy Denny optraden. Linde zelf trad er in 2008 ook op.

Sandy Denny is al heel lang haar grootste voorbeeld. Ze nam zelfs een heel album met Denny covers op, getiteld Linde Nijland sings Sandy Denny. The Grey Funnel Line is een song van Cyril Tawney geschreven over de tijd waarin hij voor de marine op zee voer. Het handelt over de verveling en eenzaamheid aan boord en het verlangen naar de geliefde die thuis wacht. Ooit is het op prachtige wijze gecoverd door de grand old lady van de Engelse folk, June Tabor. So Early In The Spring is een bekende traditional, welke Linde kende in de vertolking van Judy Collins. Hier is het schitterend gecoverd. Interessant is vooral de bijdrage op drums. Ook in het eigen geschreven High Under Skies komt het thema zee voor. Het is deels geïnspireerd door het landschap waarin ze woont. Het is een prachtig melancholisch nummer met mooie banjo- en vioolpartijen. Dialogue (ook bekend als I Want To Be Alone) van Jackson C. Frank wilde ze al heel lang opnemen. Het krijgt hier een beklijvende uitvoering, onder andere door de toevoeging van een stemmige cello bespeeld door Sarah Bowman en is buitengewoon mooi gezongen door Linde.


Will I Ever Learnis een van mijn persoonlijke favorieten. Het gaat over een moment vorig jaar waarop het water naast haar huis heel hoog stond en er een kleine overstroming dreigde. It Sure Feels Better krijgt een bluegrass tintje door het gebruik van banjo en fiddle. Het daarop volgende Pack Up You Sorrows sluit daar goed bij aan. Het origineel werd bekend door Richard & Mimi Fariña. Titelnummer I Am Here is, zonder andere nummers te kort te willen doen, misschien wel het mooiste lied van het album. Het is een nummer dat diep raakt. Volgens mij betekent het lied erg veel voor Linde zelf. Haar zang is nergens zo intens op dit album als in dit nummer. Ze speelt dit nummer al jaren live. “Het is geschreven naar aanleiding van een vriendschap, maar bij optredens krijgt het “won’t you listen”een andere intentie, omdat je dan voor een publiek zingt… en dan lijkt het meer te gaan over een zangeres die gehoord wil worden… een behoefte aan communicatie.”

Sun And Moon is een waardige, weemoedige afsluiter van dit album. Vooral de prachtige bijdrage op viool valt op. Linde heeft lang aan dit album gewerkt, dat is goed te horen. Ze lijkt een echte perfectionist te zijn op dit homogene album. Het album is een perfect huwelijk tussen eigen materiaal en covers. Bovendien beschikt zij over een betoverende, delicate en kristalheldere stem. I am Here kan zonder meer tot de allermooiste releases van 2014 gerekend worden.


Theo Volk

Webpage http://www.lindenijland.nl/
Releasedatum 4 April 2014 Continental Record Services

 

Dawn Landes - Bluebird

Tot vorige maand was Dawn Landes een totaal onbekende voor mij, totdat ik door John Smits (bedankt!) getipt werd. Zij werd in 1980 in Kentucky, Louisville geboren, maar verhuisde in haar jeugd naar New York. Aanvankelijk studeerde ze aan New York University. Uiteindelijk zou ze rond het jaar 2000 opgeleid worden tot studiotechnicus. In die hoedanigheid werkte ze aan de albums van onder andere Philip Glass, Ryan Adams, Hem, Jolie Holland en Ruth Moody. Daarnaast begon ze vanaf 2005 soloalbums op te nemen. Die albums tot aan Bluebird zijn een stuk minder sober. Op die albums bespeelt zij zelf ook de meest uiteenlopende instrumenten variërend van o.a. drums, gitaar, piano, accordeon, orgel en synthesizer. Het zijn albums die rijk zijn aan variatie, misschien hier en daar iets te gevarieerd.


In 2008 verscheen singer-songwriter Josh Ritter in haar leven, met wie zij in 2009 trouwde. Dit huwelijk was geen lang leven beschoren, het strandde al na achttien maanden. Josh Ritter verwerkte zijn echtscheiding met het opnemen van het album Beasts In His Tracks. Dat album staat zowel boordevol wanhoop en boosheid als warmte en begrip voor beide zijden. In de pers sprak hij openlijk over zijn echtscheiding. Dawn Landes hield na de scheiding de kaken stijf op elkaar en wierp zich vol overgave op haar werk als studiotechnicus. Ze had tijd nodig om alles goed te kunnen verwerken.

Bluebird is haar kijk op de echtscheiding geworden. Het album kent een sobere, bescheiden productie. Niet alleen de productie is bescheiden, ook haar manier van zingen is dat. Om die reden pakte het album mij niet direct bij de lurven. Bovendien leken bij eerste beluistering de liedjes nogal eenvormig, waardoor mijn enthousiasme in eerste instantie ook werd getemperd. Naarmate ik echter het album meer beluisterde, viel pas op hoe subtiel gearrangeerd de songs zijn. Bovendien is het album als geheel van een constant hoog niveau.


Landes heeft de tijd genomen heeft om alles te verwerken. Hierdoor zijn de teksten niet droevig, maar vol hoop en zonder boosheid. De muziek is melancholisch, dat wordt nog eens versterkt door de zang van Landes, die in het geheel goed naar voren is gemixt. Naarmate je het album meer hoort, gaat het steeds meer onder je huid zitten. Volgens mij is dat een kenmerk van een sterk album. De productie verzorgde ze samen met Thomas Bartlett (ook bekend als Doveman), die tevens piano speelt. Ook o.a. Norah Jones werkte mee, zij verzorgt de achtergrondzang en bespeelt tevens de piano.

Bluebird is een prachtig, ingetogen en volledig akoestisch album geworden. Het is intussen uitgegroeid tot één van mijn favoriete albums van 2014 tot nu toe.


Theo Volk
 
Releasedatum 18 februari 2014 Western Vinyl


Eliza Gilkyson - The Nocturne Diaries

Eliza Gilkyson werd in 1950 in Hollywood geboren als dochter van de bekende folk-pop singer-songwriter Terry Gilkyson. Haar vader heeft diverse top 10 hits op zijn conto staan. Samen met hem deed ze op veertienjarige leeftijd haar eerste professionele muzikale ervaring op in de Disney-filmstudio’s. Haar eerste album verscheen in 1969, getiteld Eliza ’69. Tot 1987 zou er slechts nog één album verschijnen. Ze hield zich voornamelijk bezig met de opvoeding van haar kinderen.

De soloalbums, die sindsdien verschenen, zijn zonder uitzondering van goed tot hoog niveau. Naast haar solowerk, maakte ze deel uit van Red Horse (samen met John Gorka en Lucy Kaplansky). Samen met Ian Matthews en Ad Vanderveen maakte ze het prachtige album More than a Song. Ook had ze een belangrijk aandeel in de teksten op Eolian Minstrel van Andreas Vollenweider. De songs voor The Nocturne Diaries werden ’s nachts geschreven. Dat leidde er toe dat er grotere thema’s zoals sterfelijkheid, de toestand in de wereld, verlies, angst en mislukking maar ook hoop en liefde in haar opborrelden. Somberheid voert zeker niet de boventoon op The Nocturne Diaries. Dit met uitzondering van An American Boy. Op haar nieuwe album getuigt Gilkyson veeleer van een nuchtere en realistische kijk op de wereld.


Het album opent met het ingetogen Midnight Oil, aan het slot opgefleurd door fraai gitaarwerk van Mike Hardwick. Eliza Jane is een zeer aanstekelijk en vrolijk nummer, met een opvallende rol voor de viool (Warren Hood) en banjo (Rich Brotherton). No Tomorrow is een eenvoudig, maar zeer mooie song over de liefde. De viool geeft een prachtig melancholisch tintje aan het lied.

De tekst van An American Boy verhaalt indringend over de geestestoestand van een puber. Eliza geeft hierin niet hoog op van de gemiddelde opvoeding in Amerika. Het is één van de hoogtepunten op deze cd. Hierna volgt Where No Monument Stands, een schitterende cover van een John Gorka song gebaseerd op een prachtig beeldende tekst van William Stafford. Jens Lysdal steelt hier de show op slidegitaar. Uitheemse instrumenten als oed en tabla vormen de basis van The Ark. Het door vader Terry geschreven Fast Freight opent met inventief gitaarwerk. Ook hier wordt de sfeer bepaald door het sublieme mondharmonicaspel van Ray Bonneville.
 

Binnen het wat stevigere The Red Rose And The Thorn is een Hammondorgel te beluisteren. Eén van de absolute hoogtepunten wordt gevormd door Not My Home, prachtig gezongen door Eliza, wederom van schitterend mondharmonicaspel voorzien. Een eenzame dobro, Eliza’s zang maar vooral de achtergrondzang van haar zoon Cisco Ryder en Lucy Kaplansky bepalen het melancholische Touchstone. Tot de mooiere nummers op dit album behoort zeker ook World Without End waarin Mike Harwick op gitaar excelleert. Samen met Jens Lysdal schreef ze het slotnummer All Right Here.  Het is prachtig klein gehouden, slechts begeleid op slide, pedal steel en zingende zaag van John Egenes. Het vormt een waardig slot van een prachtig album, dat tot haar betere werk gerekend mag worden.


Theo Volk.

Webpage http://elizagilkyson.com/
Releasedatum 17 maart 2014 Red House Records

Diana Cluck - Boneset

Pas begin vorig jaar ontdekte ik de muziek van Diane Cluck, een vrij onbekende folkzangeres opererend vanuit New York. Het album Oh Vanille/ Ova Nil was mijn eerste kennismaking met haar muziek die meteen een onuitwisbare indruk maakte. Zelden dat dit bij eerste beluistering gebeurt, vooral vanwege haar opvallende zang. De nummers op Oh Vanille/Ova Nil zijn intens en indringend. De begeleiding op het album bestaat slechts uit gitaar. Het album is intussen uitgegroeid tot één van mijn favoriete cd’s. Door Oh Vanille/Ova Nil kreeg Diane Cluck meer bekendheid, het geheel werd gebruikt voor een film en een tv-serie. Haar debuut stamt uit 2000. Het zojuist verschenen album Boneset is haar zevende album.


Boneset is een zware bevalling geworden. Zo intens als op Oh Vanille/Ova Nil is de muziek echter niet geworden. Haar teksten zijn meer beschouwend van aard. Ten opzichte van Oh Vanille/Ova Nil is er wat composities betreft meer afwisseling te bespeuren. Ook is er meer ruimte voor experiment, zowel in zang als instrumentatie. Met opener Maybe a Bird en het daarop volgende Content to Reform vallen meteen het perfecte samenspel tussen gitaar en cello op, bespeelt door Isabel Castellvi.

Binnen het prachtige Draw Me Out vallen vooral piano en cello op. Verrassend is Not Afraid to Be Kind. Niet slechts vanwege het a capella begin, maar ook vanwege de jazzy flugelhorn aan het einde. Why Feel Alone? is één van de meer intensere songs op het album. De drums zijn hier een welkome afwisseling. Ook op het ingetogen Trophies wordt gebruik gemaakt van drums, bespeeld door Anders Griffen. Eén van de hoogtepunten wordt gevormd door Heartloose, voorzien van een schitterende melodie en een excellente cellopartij.


Het beste wordt echter tot het laatst bewaard. Aan Sara klopt werkelijk alles. Een prachtige melodie vergezeld van unieke zang wordt indringend gebracht. Jammer dat het album slechts tweeëntwintig minuten duurt. In dit korte tijdsbestek slaagt Diane Cluck er echter in bijzonder veel indruk te maken. Boneset behoort samen met Oh Vanille/Ova Nil zondermeer tot het beste wat ze gemaakt heeft. Op 4 mei aanstaande zal ze samen met Isabel Castellvi een optreden verzorgen in dB’s te Utrecht. Helaas is dit het enige Nederlandse optreden van de komende Europese toer.


Theo Volk.

Webpage http://dianecluck.info/
Releasedatum 4 maart 2014, eigen beheer.


Claudia Schmidt - New Whirled Order

Onlangs kreeg ik van Eric van Popmagazine Heaven de tip om het nieuwe Claudia Smidt album New Whirled Order te beluisteren, waarvoor nogmaals mijn dank. Tot dat moment had ik nog nooit van deze zangeres uit Michigan gehoord. Dit is enigszins verwonderlijk, daar zij al sinds eind jaren zeventig albums maakt.



Claudia Schmidt begon als folkzangeres, later legde zij zich ook op het jazzgenre toe. Haar kristalheldere stem roept bij mij associaties op met Joni Mitchell, maar vooral met Laura Nyro. Ook bespeelt zij vele instrumenten. Haar fans hebben overigens lang geduld moeten hebben, haar vorige soloalbum dateert uit 2000. In 2012 maakte ze een album met Sally Rogers.

Haar echtscheiding gaf haar bij het tot stand komen van dit album veel stof tot het schrijven. Ook haalde ze inspiratie uit het gebedenboek van de Australiër Michael Leunig: “Er zijn slechts twee gevoelens, liefde en angst”. Tijdens het creatieve scheppingsproces overleed haar moeder, dit leverde inspiratie op voor nog eens twee songs.

 
Gelukkig is het geen droefgeestig album geworden, melancholie en ontroering voeren de boventoon waarbij de teksten regelmatig met de nodige humor zijn doorspekt. Er wordt uitermate vakkundig gemusiceerd. Het album werd bovendien prachtig geproduceerd door  Dean Magraw, Mark Thayer en haar zelf.  Ze wordt o.a. bij gestaan door Dean Magraw (akoestische/ elektrische gitaar), Richard Gates (elektrische bas), Tim Griffin (drums), Chris Haynes (piano, accordeon) en Betsy Doriss (hobo).

Theo Volk.

Webpage http://www.claudiaschmidt.com/
Releasedatum, 4 maart 2014 Red House Records
 

Leyla McCalla - Vari-colored songs



Leyla McCalla is geboren in New York uit Haïtaanse ouders. Op haar negende begint ze met cello spelen. In haar tienerjaren woont ze twee jaar in Accra, de hoofdstad van Ghana. Terug in New York gaat ze cello en kamermuziek studeren aan de New York University. Ze is klassiek opgeleid. Ze leert de cellist Rufus Cappadocia kennen, die haar speelstijl hierna zal gaan beïnvloeden. Nadat ze is afgestudeerd, begeleidt ze in 2008 Mos Def tijdens het voorprogramma van Gil Scott Heron in Carnegie Hall. In 2010 besluit ze te verhuizen naar New Orleans, de bakermat van veel traditionele muziek. Ze begint in het Franse kwartier op straat en in clubs op te treden. In 2011 wordt ze door Tim Duffy, die toevallig met familie op vakantie is in New Orleans, op straat ontdekt terwijl ze Sarabande van Bach speelt. Hij brengt haar in contact met Carolina Chocolate Drops. Zij wordt vaste begeleider van deze groep en speelt mee op hun album Leaving Eden.
In New Orleans begint haar interesse voor oude muziek gestaag te groeien. Ze raakt ook geïnteresseerd in Haïtaanse muziek. Haar ouders gaven haar in haar jeugd dichtbundels van Langston Hughes. Hij heeft een groot aandeel gehad in de bewustwording van de Afro-Amerikanen. Ook was hij een van de eersten die zich toelegden op jazz-poetry. Een van zijn gedichten, Danse Africaine, is afgebeeld op een gevel aan de Nieuwe Rijn in Leiden. In de jaren vijftig nam hij met Charles Mingus een album "The weary blues" op, genoemd naar zijn eerste dichtbundel. Hij was erg reislustig en verbleef enkele maanden op Haïti en bracht daar veel tijd door in muziekarchieven.
Al heel lang koesterde Leyla het idee om gedichten van Langston op muziek te zetten. Ze begon een Kickstarterproject om haar doel te bereiken. Ze vroeg het redelijk bescheiden bedrag van 5000 Dollar om haar doel te verwezenlijken. Ze haalt uiteindelijk ruim het viervoudige.
7 nummers op het album zijn op teksten van Hughes, 6 traditionals en 1 compleet eigen nummer. Opener Heart of Gold zet direct de toon van het album. Het karakteristieke ritmisch gepluk op de cello, de rustgevende zang brengen je direct in een laid-back stemming. Tom Pryor speelt een heerlijke pedal steel-partij op dit nummer. When I can see the valley is het enige compleet eigen nummer. Het behoort tot de mooisten op het album en het belooft dat we in de toekomst geen zorgen hoeven te maken over de kwaliteit van geheel eigen werk. Wie regels kan schrijven als:

"I'm not asking for salvation
But I am afraid to fly
We all want to
Go to heaven
But no one wants to die"
is uit het goede hout gesneden.



Mesi Bondye is een zeer aanstekelijke traditional gezongen in Creools Frans, met wederom een mooie pedal steel-partij van Tom Pryor. Girl behoort tot de absolute hoogtepunten van het album. Een dynamisch prachtig opgebouwd nummer op een eveneens prachtige tekst van Hughes. Kàmen sa w fè? is bewaard gebleven dank zij Alan Lomax, die in 1937 hier een opname van maakte op Haïti met Ago's bal band. Het gaat over een pijnlijk afscheid tussen 2 geliefden. Too blue is een van de vrolijke noten op het album. Het heeft een jazzy feel meegekregen. De tekst is overigens een stuk minder vrolijk. Manmam mwen is een prachtige traditional met een dubbelzinnige tekst. Song for a dark girl is voor mij het hoogtepunt van het album. Alleen zang, gitaar en een droevige tekst van Hughes, zo eenvoudig en mooi kan muziek zijn. Love again blues is een mooi bluesnummer wat opgesierd wordt met een heerlijke fiddle. Rose Marie is een zeer aanstekelijke traditional, waarin muzikanten als niet erg betrouwbaar in de liefde worden beschreven. Latibonit is een traditional met subliem banjo-spel van Don Vappie. Search behoort tot de absolute hoogtepunten van het album. Een song met een gitaar en twee stemmen, meer heb je vaak niet nodig. Lonely house begint a capella. De tekst is van Hughes en de muziek is van Kurt Weill. Het nummer gaat richting jazz en erg geslaagd. Op afsluiter Changing tide wordt Leyla op schitterende wijze begeleid door Tom Pryor. Het album werd door Songlines gekozen tot een van de beste albums van 2013 op het gebied van wereldmuziek. Geheel terecht volgens mij.

Theo Volk

Releasedatum: 21 oktober 2013 Dixiefrog
Website: http://leylamccalla.com/




Jan de Bruijn - The long way home



Jan de Bruijn en zijn zus Anneke erfden hun grote muzikaliteit van hun vader Dirk. Hij was een veehandelaar, die in zijn vrije tijd, ontelbare in het Rijsbergens dialect geschreven liedjes heeft gecomponeerd. Jan de Bruijn's carrière begon ruim vijfendertig jaar geleden. De grootste bekendheid verwierf hij met The Crew, waarin ook zijn zus Anneke zong. Zelfs nu nog is deze r&b-band een begrip in de West-Brabantse muziekscene. Hij speelde en speelt hij in diverse bands. Ook deed hij het nodige studiowerk. De afgelopen paar jaar werkte hij in alle rust aan zijn eigen songs. Hij bleef er net zolang aan schaven totdat hij tevreden was, kritisch als hij is, over het resultaat. Aan het opnemen van de songs en afwerken ervan werd door hem ongeveer tachtig uur besteed. Onlangs werd hij door Willem Jongeneelen de Robert Cray van de Lage Landen genoemd in zijn recensie voor dagblad BN/De stem. Ik weet niet of de Bruijn blij is met die vergelijking. Bij beiden is blues de basis van de muziek en is de muziek laid-back. Maar de muziek van Robert Cray is nogal glad, in tegenstelling tot die van de Bruijn. Zelf zou ik hem eerder vergelijken met Malcolm Holcombe. Beiden zijn uistekende zangers en spelen gitaar en mondharmonica. Bovendien hebben beiden de nodige levenservaring, maar zijn bovenal gevoelige en authentieke mensen, die schrijven over het dagelijkse leven. Het album werd opgenomen in de Baarle-Nassause Next Page Studio's. The long way home bevat acht eigen nummers en drie covers.

 Het album opent met Don't wanna play no more op de warme en relaxte saxofoonklanken van Henri Ylen. Die relaxte sfeer is wat het hele album zo kenmerkt en wat het zo fijn maakt om ernaar te luisteren. Sorry is een werkelijk prachtige en gevoelige ballad, die alleen geschreven en gezongen kan worden door iemand met veel levenservaring. Het nummer wordt opgesierd door mooi harmonicaspel, wat het gevoelige karakter van het lied nog versterkt. Op Did you is de hoofdrol weggelegd voor Ad Moelands op accordeon. Hij begeleidt de Bruijn op zeer subtiele en schitterende wijze. Wat kan accordeon toch mooi zijn! Nobody's fault but mine is een bekende traditional. In dit nummer is goed te horen waar de roots van de Bruijn liggen. Heerlijk gezongen. Trouble in mind, ooit gezongen door onder andere Jimmy Whitherspoon en Big Bill Broonzy, krijgt een lazy groovende uitvoering. Life could be worse en Hooked zijn jazzy nummers, met vooral in het laatste nummer subliem gitaarspel. Maar altijd met gevoel gespeeld en in dienst van het liedje. Hij houdt de liedjes altijd klein en dicht bij zichzelf. Ze behoren voor mij tot de mooiste op het album. Driving home is gevoelig en melancholisch met dito harmonicaspel. Het bekende People get ready van Curtis Mayfield krijgt een integere uitvoering met respect voor het origineel. Het wordt verfraaid door mooie achtergrondvocalen. Afsluiter Africa is een mooie instrumental. Met The long way home heeft hij een schitterend en met veel liefde gemaakt album afgeleverd, waarnaar door mij zeker over een aantal jaren nog regelmatig naar geluisterd zal worden. Een groter compliment kan ik, volgens mij, Jan de Bruijn niet geven!

Theo Volk

Releasedatum: 14 november 2013 Eigen beheer
Website: http://www.jandebruijn.com/

North Mississippi Allstars - World Boogie Is Coming



De carrière van de gebroeders Dickinson startte beginjaren negentig met de formering van de groep DDT. Die groepsnaam was niet afgeleid van het bestrijdingsmiddel, maar van de achternamen van de groepsleden, Dickinson, Dickinson en Taylor. De groep bleef onbekend, ook bij mij. De broers Dickinson hadden trouwens een beroemde vader, Jim, die in 2009 overleed. Hun carrière kwam pas echt van de grond in 1996 toen ze, samen met Chris Chew, North Mississippi Allstars begonnen. Luther Dickinson is de meest begaafde, creatieve en bedrijvige van het drietal. Hij bracht mei vorig jaar een prachtig akoestisch instrumentaal album uit, getiteld "Hambone's Meditations", geïnspireerd door de muziek van John Fahey. Ook richtte hij in 2012 een folkgroep op, The Wandering, die verder bestaat uit de dames Valerie June, Amy Lavere, Shannon McNally en Shardé Thomas. Zij brachten vorig jaar het album "Go On Now, You Can't Stay Here" uit. Daarnaast maakt hij ook nog deel uit van South Memphis String Band en toerde hij van 2007 tot 2010 als gitarist van The Black Crowes. Met "World Boogie Is Coming" is North Mississippi Allstars toe aan haar negende studio-album. De groep maakt met blues doordrenkte rockmuziek, vergelijkbaar met de muziek van The Black Keys en The Jon Spencer Blues Explosion . Op dit album staan onder andere covers van R.L. Burnside en Junior Kimbrough, muziek waarmee ze opgroeiden. Ook muzikanten waarmee ze ooit het podium mochten delen. Twee van de veertien kinderen van R.L. Burnside, Duwayne en Garry, spelen mee op dit album. In de eerste twee nummers maakt Robert Plant, een groot voorbeeld van de band, zijn opwachting. Op deze nummers bespeelt Plant op overtuigende wijze de mondharmonica. Wel gedurfd om te openen met een instrumentaal nummer. Aardige opwarmertjes.

Echt loos gaat het daarna voor mij, in traditional "Rollin 'N Tumblin", een song met een Black Keys-groove en heerlijk gitaarwerk. Vervolgens belanden we bij een andere traditional, "Boogie", wat een zeer swingende versie krijgt. Een van de hoogtepunten van het album. "Snake Drive" van R.L. Burnside, krijgt een heel moderne uitvoering, zeer knap gedaan, maar niet echt aan mij besteed. Mijn favoriete nummer op het album is de cover van Junior's Kimbrough "Meet Me in the City". Prachtig en ingetogen uitgevoerd. Het door Luther Dickinson zelf geschreven "Turn Up Satan" behoort ook tot de betere nummers op het album. Heerlijk opzwepend nummer, dat meer richting rockmuziek gaat, met prachtig inventief gitaarwerk aan het einde van de song. "Shimmy" van Othar Turner wordt opgevrolijkt door een heerlijk fladderende fluit. Het nummer gaat naadloos over in "My Babe" van Willie Dixon. "World Boogie" van Bukka White doet zijn naam alle eer aan. Boogie van de bovenste plank. "Goin' to Brownsville" valt op door het mooie gitaarwerk. "I'm Leaving" van Junior Kimbrough krijgt een gloedvolle vertolking, waaruit duidelijk blijkt dat ze met deze muziek zijn opgegroeid. "Jumper On the Line" van R.L. Burnside krijgt een spannende, tien minuten durende vertolking. Naast de normale cd-uitgave bestaat er een uitgave met vijf bonustracks. Twee van die nummers zijn akoestisch . Ze doen niet onder voor de rest van het gebodene. Deze nummers zijn echter niet echt vergelijkbaar met het overige materiaal op dit album. Het album werd door de broers zelf geproduceerd. Het is een moderne blues- en rockalbum geworden, waarin de voorliefde voor de oude blueshelden doorklinkt. Van harte aanbevolen.

Theo Volk

Releasedatum: 3 september 2013 Songs of the south
Website: http://www.nmallstars.com/