Martyn Joseph - Sanctuary

Het sleutelwoord tot Martyn Joseph’s werk is compassie. Hij reist zoals iedere artiest voor zijn broodwinning en komt daarbij in de meest (on)mogelijke situaties – men klampt hem regelmatig aan – waarbij hij er de persoon niet naar is om de ogen te sluiten. Tijdens zijn laatste voorstelling die ik bijwoonde vertelde hij een aangrijpend verhaal over een vluchtelingenkamp welke hij had bezocht. “Het ging mijn voorstellingvermogen te boven” waren zijn woorden. Ik kan weliswaar niet veel doen is zijn stelling, maar niets doen was geen optie. Hij zag dat er mensen zijn die simpelweg niets bezitten, behalve de kleding die ze dragen. Hun situatie was zonder overdrijving schrijnend te noemen. Hij zingt over onrechtvaardigheden zoals onevenredige verdeling. Muziekliefhebbers die bekend zijn met het werk van Martyn Joseph vertel ik daarmee overigens niets nieuws. Hij kan niet anders dan iets doen met de informatie die hij absorbeert, al was het maar om een brede bewustwording te creëren. Hij gebruik hiervoor zijn muziek, teksten en zamelt fondsen in via een organisatie die hij in het leven riep: Let Yourself Trust,
 
Santuary is het 21ste album van de singer songwriter uit Wales. Hij werkt sinds jaren weer samen met Ben Wisch. De producer die hem indertijd terzijde stond met Being There (1992). De basis van Sanctuary werd opgenomen in de woning van Wisch. Wisch en Joseph wisten zich te omringen met een stel uitgelezen muzikanten. De kern bestond uit drummer Ben Whittman (bekend van o.m. Paul Simon en Rosanne Cash), gitarist Kevin Barry (Mary Chapin Carpenter en Ray Lamontagne) en bassist Zev Katz (James Brown en Bruce Springsteen). De fijnproevers weten wellicht Antje Duvekot als achtergrondvocaliste te ontwaren. Om woorden zit Martyn Joseph nooit verlegen. Gelukkig weet hij ze dusdanig zorgvuldig te rangschikken zodat hij je aandacht pakt, en weet vast te houden in zijn verhalende uiteenzettingen. Hij beoogt niet de wereld te verbeteren, maar begrijpt dat meer begrip en onderlinge verbroedering een stap in de goede richting zijn. Een sociaal hart laat zich niet afdwingen. De Welshe Springsteen laat zich andermaal van zijn beste kant zien, en heeft hernieuwd voor een prima album gezorgd!

Rein van den Berg

Releasedatum: 30 oktober 2015 Pipe Recordings
Website: https://www.martynjoseph.net/



3hattrio - Dark Desert Night




Een bijzonder trio, alleen al vanwege hun uiterlijk. Een folkie met banjo, een rasta met een staande bas, beiden op leeftijd en een babyface op viool. De zeer ervaren folkie is Hal Canon, oprichter van Deseret String Band (aka The Bunkhouse Orchestra). De groep bestond van 1972 tot 2002 en vertolkte muziek uit de 19e eeuw. Ze speelden in 1998 op de Olympische winterspelen van Nagano in Japan. Naast muzikant is hij ook radioproducer en folklorist. De eveneens ervaren rasta is Greg Istock met een duidelijk andere muzikale achtgrond, namelijk reggae en experimentele jazz. Hij werkte onder anderen samen met Gregory Isaacs. De pas achttienjarige Eli Wrankle speelt al vanaf zijn vierde viool. Het trio is woonachtig in het kleine plaatsje Virgin in Utah, gelegen in de woeste natuur.  Niet ver van Zion National Park, andere Nationale Parken en Death Valley.

Niet vreemd dat die natuur een belangrijke inspiratiebron vormt voor hun muziek, versterkt door de indrukwekkende landschapsfoto’s, die de bekende fotograaf Ansel Adams maakte in dit gebied. Het is hun bedoeling een eigen genre te creëren, American desert music. Zo is de invloed van de woestijnblues van Noord-Afrika in hun muziek te horen, een goed voorbeeld hiervan is Tammy’s Sister. De jazz achtergrond van Istock is hoorbaar in Sand Storm. Daarnaast zijn er folk invloeden te vinden. Canon en Istock beschikken allebei over een zeer doorleefde stem. De teksten gaan veelal over de natuur. Het is een goed op elkaar ingespeeld trio, dat elkaar uitstekend aanvoelt. De meeste nummers zijn door Canon en Istock geschreven. Daarnaast twee, aan de archieven van John Lomax ontleende traditionals, Carry Me Away en Left Texas. Tot nu toe kregen ze weinig aandacht, maar dit tweede album gaat daar ongetwijfeld verandering in brengen. Het is zondermeer een van de meest originele cd’s, die ik dit jaar hoorde en daarnaast ook nog erg verslavend.
Theo Volk

Releasedatum: 17 september 2015 Eigen beheer
Website: http://3hattrio.bandcamp.com/


Various Artists - Singer Songwriters from Home


Wat is nodig om de juiste basis te creëren waarmee je de luisteraar pakt? Hoe neem je de aandacht zodat iemand daadwerkelijk gaat luisteren? Timing is alles zou je zeggen. Wellicht kan ik de vraag beter voorleggen aan de vier artiesten die Hemifran centraal plaatst in zijn project Hidden Treasures – Singer Songwriters from Home. Een prima initiatief van de onafhankelijk Zweedse promotor en distribiteur Peter Holmstedt. Er werd voorbeeld genomen aan een project uit 1965. Het label Elektra bracht in dat jaar een plaat uit (EKS7299) met 4 jonge artiesten die aan het begin van hun carrière stonden: Richard Fariña, Patrick Sky, Bruce Murdoch en David (Cohen) Blue. Er is geen enkel verband tussen beide projecten, behalve dan dat het concept geleend is. Vier singer songwriters naast elkaar op 1 plaat. De versie anno 2015 bestaat uit Barry Ollman, Bob Cheevers, Greg Copeland en Keith Miles. De originele Elektra persing bevatte 13 nummers, terwijl het recente project 18 liedjes bevat. Kwalitatief is de laatste mij aanzienlijk liever, evenals de onderlinge afwisseling.
 
Nou had ik al een enorme zwak voor Copeland en Miles (van beide heren heb ik een aantal uitstekende solo cd’s in de kast staan) maar ook Cheevers en Ollman komen indrukwekkend uit de verf met hun individuele bijdragen. In Progress trekt Cheevers terecht onze ontwikkeling in twijfel. “Fools Gold” noemt hij het. Ze weten je aandacht te pakken in nummers die variëren van introspectief tot losjes rockend, zoals de laatste song Pretty Girl Rules the World. Een live uitvoering waarin de meespelende Jackson Browne aankondigt dat het gezelschap zich even The Beach Boys voelt. Singer Songwriters from Home grijpt terug naar de basis. Wat je vindt zijn louter uitstekend geschreven en uitgevoerde liedjes. Je hoort oprechte vakmanschap. En omdat de muziek resoneert, weet je dat het gevoel op de juiste plaats zit. In de linernotes komt Elliott Murphy tot dezelfde conclusie. Een terecht constatering!

Rein van den Berg

Releasedatum: 1 september 2015 Hemifram
Website: http://www.hemifran.com/




Peter Case - HWY 62



De solocarrière van Peter Case ging, bijna dertig jaar geleden, veelbelovend van start. Zijn debuut kwam tot stand onder de vleugels van het Geffen label. Het productionele team bestond maar liefst uit de heren J. Henry Burnett and Mitchell Froom. T-Bone was als mede-componist zelfs verantwoordelijk voor een viertal songs. De gastbijdragen op dit album waren evenmin de geringste: Van Dyke Parks, Roger McGuinn, Jim Keltner en Gurf Morlix – om een paar te noemen. Men pakte zaken serieus aan, mogelijk omdat Case met de in 1978 geformeerde band the Plimsouls broodnodige “credits” had weten te verwerven. Ondanks het indrukwekkende song schrijvend vermogen van Peter Case bleef een daverend succes uit. Zijn loopbaan leek zich in de nul jaren zelfs neerwaarts te bewegen als gevolg van malaise met zijn gezondheid. Gelukkig bleek de veerkracht van deze artiest opmerkelijk. Het album Wig! wees op een herboren Case.
 
HWY 62 heeft een paar luisterbeurten nodig om tot een zelfde conclusie te komen. Hij grasduint qua stijl vrijelijk uit zijn achterliggend oeuvre. Long Time Gone – een Dylan cover - trekt op onvervalste country, terwijl Bluebells een gevoelige ballade betreft. Case heeft zich laten inspireren op vroege Beatles en bands die vanuit California het antwoord waren op de Britse invasie. If I Go Crazy lijkt ogenschijnlijk weinig om het lijf te hebben, maar de aanwezige swing doet je anders beseffen. Niet verkeerd deze stijlvormen “geleend” uit de late jaren zestig. Het toont tevens de vaardigheid en de wendbaarheid van Case. Waiting On a Plane is niets anders dan zeldzame klasse. De titelsong is een vrije piano improvisatie van iets meer dan een minuut. Het sluit wederom een uitstekend Case album af, want laten we eerlijk zijn, echt slechte albums zijn aan deze man niet besteed. Highway 62 is de snelweg die Canada verbindt met Mexico. Case is geboren in Hamburg, New York en keek als kind fascinerend toe naar deze verkeersslagader waarop het vrachtverkeer voorbij denderde. Voor hem was HWY62 de weg naar het Westen. De plaats waar hij wilde zijn.

Rein van den Berg

Releasedatum: 30 oktober 2015 Omnivore Recordings
Website: http://www.petercase.com/


Kevin Dooley - Treehouse



Het weer is definitief omgeslagen. Het is nat, koud, vies en de bladeren vallen. Griep ligt op de loer. Tijd om de warmte en de behaaglijkheid van je woonkamer hernieuwd te ontdekken. Ideaal vind je dan je plaats nabij de haard. Glaasje port erbij, om mogelijke aankomende bacillen te ondermijnen. Muzieksuggestie? Ik stel voor om te gaan luisteren naar Kevin Dooley. Zijn album Treehouse zal de idyllische beschrijving van zojuist niet verstoren, maar er naadloos bij aansluiten. De “road songs” van Dooley en de zijnen zijn als een warme deken. Aangename harmonieuze zang en snaargetokkel. Snaren die bestaan uit akoestische gitaren, mandoline en viool. Hij steekt van wal met Happy by this Roadside, vrolijk maar gelukkig niet hilarisch. Juist gedoseerd voor mijn smaak. Let it Roll gaat verder op de ingeslagen weg, voegt een bluesy sausje toe, evenals de klank van een frivole mondharmonica. Willoughby ontpopt zich als een klassiek aandoende ballade. Het gevarieerde repertoire doet vermoeden dat de volgorde van songs identiek is aan die van zijn live-set.
 
Kevin Dooley heeft op de hoes vermeld waar de songs tot stand zijn gekomen. Hij schrijft zijn liedjes overwegend onderweg om ze thuis verder uit te werken. Opnames voor het album vonden uiteindelijk plaats in The Treehouse te Longmont, Colrorado. De 10 liedjes kabbelen zonder hobbels verder. Little Giant gaat over zijn grootvader, een bankier uit Indiana. Intuïtief trekken we richting huis in Home by Feel. Een liedje dat je op het hart drukt om te luisteren naar het gevoel wat van binnenuit komt. The Road Home eindigt uiteindelijk de plaat in zuidelijke sferen. “The best part of the journey” gaat altijd richting huis, ondanks de vriendschap die je onderweg hebt opgedaan. Treehouse is een warme en vriendelijke plaat, en het zou mij verwonderen wanneer beide criteria niet synchroon lopen met de non-pretentieuze eigenschappen die Kevin Dooley in huis heeft. Sympathieke plaat.

Rein van den Berg

Releasedatum: 15 oktober 2015 Eigen beheer
Website: http://www.kevindooleymusic.com/


Katie Kuffel - Pearls




Tijdens opener Devil zat ik direct op het puntje van mijn stoel. Een stem die meteen aansprak, voorzien van een enigszins hees randje. Zichzelf op bekwame wijze begeleidend op piano, een droevig liedje zingend over de liefde. Aan het eind wordt de rol van de piano overgenomen door haar stemmige cello die wegsterft in schoonheid. Gewoon een conventionele song, maar wel een die direct grote indruk maakt. Vervolgens laat Table Song een heel andere kant van Kuffel horen. Een inventief opgebouwde song, waarin een belangrijke rol voor percussie en toetsen is weggelegd. Dat Kuffel eigenzinnig is blijkt aan het abrupte einde ervan. Blazers krijgen vervolgens de ruimte in Humor Tumors evenals een opdringerige piano. Het arrangement van deze song is buitengewoon spitsvondig. Weer wat conventioneler van toon is Stone Statue, vooral de subtiele bijdrage van Kale Lotten op tenor sax is bijzonder fraai.
Voorlopig is het ingetogen en treurige Misplaced Pride mijn favoriete nummer vanwege de zeer kwetsbare zang, maar ook door het samenspel tussen piano, accordeon en trompet. De eigenzinnige kant van Kuffel komt weer om de hoek kijken in Cat Collar, de meest experimentele en enigszins afwijkende song en het liedje waarmee ik de meeste moeite had om het goed te doorgronden. Zeer inventief en jazzy is het heerlijke Please Chelsea en wordt vooral gedragen door haar pianospel. Gas wordt er weer teruggenomen in een van de hoogtepunten, Moorings, gedomineerd door cello en piano. Ook klassiek van toon is de titelsong, en ook behorend tot mijn favorieten vanwege de bloedmooie zang en de sobere opbouw. Afsluiter in stijl is het door strijkers gedomineerde Cleanse. Veel weet ik overigens nog niet over deze eigenzinnige singer-songwriter uit Seattle. Pearls is haar tweede album, waar ze vijf jaar lang nauwgezet aan werkte. Het leverde een geweldige mix van breekbare en inventieve songs op.  
Theo Volk
 
Releasedatum: 15 oktober 2015 Eigen beheer


Krista Detor - Barely



Ze wordt het bestbewaarde geheim van Amerika genoemd, maar voor de meeste critici en echte muziekliefhebbers was Mudshow de eerste kennismaking. In 2006 vergaarde dit album veel lovende recensies. Het was gestoken in een opvallende hoes, een olifant geposteerd op een piano. Die olifant was niet alleen een verwijzing naar de circusachtergrond van partner David Weber, maar ook een politiek statement. Negen jaar na dato staat Mudshow nog altijd als een huis. Meer succesvolle albums volgden. Ook in Europa kreeg ze het nodige succes, zo haalde ze al eens de eerste plaats in de EuroAmericana Chart. Tussendoor nam ze een pauze van een paar jaar om die aan haar opgroeiende kinderen te besteden. Haar voorlaatste album Flat Earth Diary kreeg  weer uitstekende kritieken, waaronder in Popmagazine Heaven. Toch begon bij mij het gevoel te ontstaan, dat haar muziek aan nieuwe impulsen toe was. Gelukkig dacht Krista er hetzelfde over, want haar nieuwste werkstuk Barely, is zoals de titel al aangeeft, een stuk soberder. In iedere song wordt ze begeleid op een instrument, hooguit op twee. Voornamelijk door haar man David Weber op gitaar en zang. Die sobere inkleuring is even wennen, maar het geeft wel meer ruimte aan haar zang. Zoals gebruikelijk speelt ze op haar zeer kenmerkende wijze piano, maar natuurlijk ook accordeon, gitaar en orgel. Ze schreef alle nummers zelf, op het oorlogslied The Coming Winter na, wat ze componeerde samen met Mary Dillon. Het is een prachtig duet geworden, een soort Transatlantic session, want Dillon’s vocalen werden in Ierland opgenomen. Verder werkten Moira Smiley van Solas en Amanda Biggs mee als achtergrondzangeres. Wellicht zal het voor de meeste fans van haar muziek even wennen zijn aan de “nieuwe” Krista, maar wie even doorzet is weer een prachtig album rijker.

Theo Volk

Releasedatum: 15 oktober 2015 Tightrope records
Website: http://www.kristadetor.com/
 

Live-optredens:
30-10 Oosterwolde: De Miente
6-11 Den Haag: Acoustic Alley
7-11 Oosterbeek: Concertzaal, cd-releaseshow
8-11 Tweede Excloërmond: Cultuurhuis Odeon
14-11 Middelburg: Tangelder presenteert
 


Jack Hustinx and the Southern Aces - Over yonder




Over Yonder kreeg de afgelopen weken al de nodige aandacht in de Nederlandse pers, maar voor degenen die  nog geen weet hebben van Over Yonder, breng ik hem alsnog even voor het voetlicht. Eindhovenaar Hustinx is een doorgewinterde muzikant, die al heel lang aan de weg timmert, en die weg was niet altijd even gemakkelijk. Jack verdiende een tijd lang de kost bij de helaas verdwenen platenzaak Bullit. Hij deed onder anderen ervaring  op in pop/rockgroep Arti Rhythm. Meer bekendheid vergaarde hij met Shiner Twins, waarvan hij mede-oprichter is. Intussen heeft Shiner Twins drie prachtplaten uitgebracht, die helaas (nog) alleen bij de echte connaisseur bekend zijn. Hustinx vertoeft al 18 jaar met enige regelmaat in Austin, Texas. Hij werkte daar samen met de nodige muzikanten. Zo spelen enkelen daarvan mee op de laatste Shiner Twinsplaat Four souls – One heart, waaronder de fantastische zanger Malford Milligan (Storyville, Double Trouble) en Sheree Smith (Memphis Train). Het nieuwe project nam 2,5 jaar in beslag en werd er zowel in Amerika als Nederland opgenomen. Alle meewerkende artiesten deden belangeloos mee. En ze hebben het er zeker niet met een Jantje-van-Leiden van afgemaakt. Zeer geïnspireerde bijdragen van bijvoorbeeld Roel Spanjers (Normaal, JW Roy, Luther Allison Blues Band). En natuurlijk ook van zijn Shiner Twins maatjes en veel Amerikaanse vrienden. In het nieuwe boekalbum van JW Roy raadt Johan Derksen Mart Smeets aan om Malford Milligan en Jack Hustinx te gaan bekijken bij de komende tournee. Datzelfde wil ik aan U adviseren. Ik weet zeker dat U er geen spijt van zult krijgen. Neem dan gelijk even een gesigneerde cd mee naar huis, want Over Yonder is een prachtige, authentieke rootsplaat van Nederlands/Amerikaanse bodem.

Releasedatum: 30 oktober 2015 Harlem Records

5 november Middelburg – Concertzaal De Spot
6 november Leiden – Muziekhuis Q-bus
7 november Hoorn – Pop- & cultuurcentrum Manifesto
8 november De Meern – Muziekpodium Azotod

9 november Eindhoven – Muziekgebouw Meneer Frits (uitverkocht)
11 november Oldenzaal – Cobblestone Club
12 november Eindhoven – Wilhelmina

13 november Oss – Cultuurpodium De Groene Engel
14 november Amsterdam – North Sea Jazz Club
15 november Horst – Muziekpodium Cambrinus


 


Jonas Carping - Cocktails & Gasoline



Qua muziekaanbod hoeft niemand te klagen. Aan de andere kant, selecteren is door dat overdadige volume aan releases niet eenvoudiger geworden. Voor artiesten die gehoord willen worden, en dus nog naam moeten maken, lijkt me dit haast een onmogelijke taak. Tijdens het schiften kwam deze Zweedse artiest naar boven drijven. De hoes – een stel gokverslaafde Aziaten - in combinatie met de albumtitel intrigeerde mij. Cocktails & Gasoline. Wordt het een plaat over het verschuiven van de macht, waarbij intriges van de rijken der aarde voor het voetlicht komen? (Ik had onlangs een artikel gelezen over een Chinese miljardair die een Britse golfclub had gekocht, en die naar eigen believen ging herstructureren.) Nee, niets van dat alles. Intrigerend bleef het evengoed tijdens beluistering van deze plaat. De stem van Jonas Carping deed mij associëren met de Canadese folk artiest Garnet Rogers. Een prettige bijkomstigheid, aangezien ik enorm gecharmeerd ben van diens stem. Het tempo van de meeste liedjes kun je definiëren als stuwend, en qua genre trekken deze Zweed en zijn band richting alternatieve pop.
 
Cocktails & Gasoline is het album dat hij altijd had willen maken. De meeste liedjes kwamen tot stand in een stukje ongerept Zweden, afgezonderd van de buitenwereld. De bedoeling is om het oorspronkelijke karakter van dat landschap te vertalen naar muziek. Ongecultiveerde schoonheid naar de oppervlakte brengen. Trek inderdaad 14 dagen de wildernis in. Neem uitsluitend de hoogst noodzakelijke uitrusting mee. Leg voor die beperkte periode elektriciteit terzijde. Volgens mij zie je de wereld bij thuiskomst vanuit een ander perspectief. Niet dat de muziek op deze plaat aandacht eist. Wel opvallend is dat ik er met plezier naar luister. Het gaat over kwetsbaar zijn, en verlangen. Verlangen naar basale geneugten, zoals warmte in de nacht. En wanneer je dan die virtuele armen om je schouder voelt, de tweede stem van Sigrid Nilsson beluistert samen met de cello van Marika Dahlback dan weet je hoe mooi eenvoud kan zijn.
 
Rein van den Berg
 
Releasedatum: 7 oktober 2015 Eigen beheer
 
 

Red river dialect - Tender Gold & Gentle Blue



De hoes nodigde direct uit om te gaan luisteren. Lang geleden bezocht ikzelf Skellig Island in Ierland. Het betreft hier geen Ierse band, zoals ik in eerste instantie dacht, maar een Engelse groep rondom frontman David John Morris. Morris groeide op in Cornwall, maar is sinds enkele jaren woonachtig in Londen. Over Tender Gold & Gentle Blue verschenen al de nodige lovende recensies zoals in MOJO, Uncut Magazine en op Folkradio UK en Allmusic. Intussen wordt de band op handen gedragen door iemand als M.C. Taylor (Hiss Golden Messenger) en Ben Chasny. In Allmusic worden voorgaande albums vergeleken met bands als The Waterboys, Fairport Convention en met Nick Cave, vergelijkingen die voor het nieuwe werkstuk echter niet opgaan. Tender & Gentle Blue is veel ingetogener en persoonlijker van aard. Alle liedjes werden geschreven door David, met uitzondering van traditional Bound for the Rio Grande, en ontstonden op gitaar. Een viertal van de nummers, For Ruth and Jane, Fallen Tree, Khesed en Ring of Kerry, hebben rechtstreeks betrekking op het overlijden van zijn vader.
 
In opener For Ruth and Jane richt hij zich in eerste instantie tot zijn moeder Ruth en zus Jane om hun een hart onder de riem te steken. Alle vier bevatten contemplatieve gedachten zoals de sleutelsong, het bijna tien minuten durende, Ring of Kerry: “I’m suddenly so grateful for the world I see.To whom can I address it if not to thee? My father now departed, I must let him be. And gratefully accept the gift he gave to me.” Het is muzikaal gezien ook de vreemde eend in de bijt. Het opent met een vioolpartij die herinnert aan de begintijd van The Velvet Underground, waarna er gebruik wordt gemaakt van drones en fields recordings. Dit alles geeft het een zeer bijzondere en mysterieuze sfeer. Voor mij vergelijkbaar met een rondrit langs de Ring of Kerry met slecht weer. Veel van zijn teksten zijn overigens niet gemakkelijk te doorgronden en laten ruimte voor een eigen interpretatie. Twee zeer fraaie instrumentals op gitaar zijn Child song en Sceillic,die rustpunten vormen. De teksten op dit album vormen een grote kluif. Wie daar niet genoeg aan heeft, David schreef nog een lang essay over zijn overleden vader. Uitgangspunt hiervoor vormen een aantal van de laatste preken van zijn vader als dominee. Tender Gold & Gentle Blue is het persoonlijke relaas van het verlies van een dierbare.    

Theo Volk 
Label: Hinterground records
Releasedatum: 31 juli 2015