Vorige maand had mijn blog het genoegen van de singlepremière
van Hunter
Moon van het Amsterdamse duo The Lasses. Het bijzonder fraaie Hunter Moon, van de hand van Margot,
bezorgde mij het gevoel dat het wel snor zou zitten met hun derde album Undone. Dat voorgevoel blijkt bij
beluistering volkomen te kloppen. De Ierse pub Mulligans, gelegen aan de
Amsterdamse Amstel, loopt als een rode draad door dit album, als wel door de carrière
van Margot en Sophie. De twee leerden elkaar immers tijdens een sessie in Mulligans
kennen, en op dezelfde wijze ook producer Janos Koolen (Frédérique Spigt,
Steam Power). En met de medewerkende muzikanten, gitarist Auke Hofstra en violiste
Mirte de Graaff, speelt men geregeld sessies in Mulligans. Tijdens de opnamesessies
trachtte producer Koolen de sfeer van de sessies in Mulligans te imiteren. Men
maakte tijdens de opnames van Undone
gebruik van slechts een microfoon, waardoor je het gevoel krijgt alsof de dames
in je woonkamer een huiskamerconcert aan het geven zijn. Hoe puur hun stemmen
zijn hoor je meteen in de a capella opener Undone
in Sorrow van Ola Belle Reed, waaraan de titel is ontleend. Hun stemmen
gedijen het beste bij een sobere inkleuring, die dan ook spaarzaam, maar wel
smaakvol, is. Zo wordt het afgekloven Who
Knows Where the Time Goes van Sandy Denny door de fluwelen Franse hoorn van Morris
Kliphuis (Kapok) meer dan het beluisteren waard. Sophie leverde ook een
prachtige compositie aan, Here Now.
Uiteraard ontbreken traditionals niet. Tot de bekendste, hedendaagse
composities behoort Motherland van
Natalie Merchant. Verheugend vind ik het feit dat er een drietal eigen
composities pronken op het fraaie Undone.
Mijn hoop en wens is dat het er op een volgend album meer zullen zijn, want hun
eigen composities behoren hier voor mij tot de mooiste. De releaseshow vindt
zondag 27 oktober plaats in de Tolhuistuin, Amsterdam.
The Lasses - Undone
Here Be Wolves - Here Be Wolves
Af en toe krijg ik fraaie luistertips van Duco Koutstaal,
verkoper bij de Rotterdamse Plaatboef. Deze twintiger heeft een grote interesse
in (obscure) folk. Het debuutalbum van Here Be Wolves was hoogstwaarschijnlijk
langs mij heengegaan, als Duco mij er niet op geattendeerd had. Here Be Wolves
betreft het duo Karla-Therese Kjellvander en Mikael Peterson. Vorig jaar
maakten ze kennis en hadden meteen een klik, spoedig hierna zond Peterson zo’n
vijftigtal songs naar Kjellvander, waaruit ze een selectie mocht maken, welke
op hun gelijknamige debuut zijn terechtgekomen. Peterson is diepgelovig en haalt daaruit veel
inspiratie voor zijn teksten en Kjellvander heeft totaal niets met het geloof,
toch leidde dat niet tot problemen bij hun samenwerking. Wel tot een groot
probleem leidde de ernstige slokdarminfectie
bij Kjellvander, welke tot gevolg had dat ze amper nog kon praten. Dankzij
medicatie en een streng dieet ging het langzaam beter. Ze ontzag haar stem in
die periode en gebruikte die alleen tijdens de opnames. Haar manier van zingen
paste ze echter aan, zachter en minder dynamisch. Het resultaat is een fraai,
verstild folk album. De ingrediënten zijn vooral ingetogen samenzang,
piano en gitaar. Ze krijgen wat hulp van Ruben Engzell (synthesizers, vibrafoon en bas) en de ex-man van
Karla-Therese, Christian Kjellvander (drums, zingende zaag). Here Be
Wolves is slechts uitgebracht in een oplage van 204 stuks op 180 gr vinyl.
Indianizer - Nadir
Het kwartet Indianizer uit Turijn zit duidelijk in de lift
in Nederland. Begin dit jaar werd hun concert op Eurosonic goed bezocht en
vorige maand waren ze nog te zien op het Surfana Festival en het Epop Festival.
Hun muziek is al jaren een interessante cocktail van verschillende ritmes uit
de wereldmuziek. Hun derde album Nadir
is het laatste deel uit een niet geplande albumtrilogie, dat verder bestaat uit
de albums Neon Hawaii en Zenith. Op hun
nieuwste worp combineren ze psychedelische rock, Zuid-Amerikaanse ritmes en
Afrikaanse vibes tot een speciaal soort wereldmuziek, dat ze
psych-tropical-beat noemen. De songs zijn intrigerend, regelmatig hypnotiserend
en dansbaar. Ze zingen opvallend genoeg in het Engels, Spaans en Creools. Door
de toevoeging van Latijnse invloeden zou deze band zeker niet misstaan op het
grootste festival voor Latijnse muziek in de wereld, de Antilliaanse Feesten.
De band treedt overigens op door heel Europa en verzorgde al het voorprogramma
van bijvoorbeeld The War On Drugs en de legendarische groep Os Mutantes.
Tijdens liveconcerten wordt het ongetwijfeld de voetjes van de vloer en dat kan
gelukkig eind volgende week weer, want dan is dit fascinerende kwartet terug in
Nederland voor optredens.
Replay: Jo Lemaire & Flouze - Pigmy World
Naarmate ik ouder word, lijkt het
wel of dat de tijd steeds sneller gaat. Vandaag, 16 oktober, is het alweer precies
een decennium geleden dat mijn moeder overleed. De interesse voor muziek kreeg
ik van mijn vader mee. In de jaren zestig kocht hij een radio gecombineerd met
een platenspeler. Beiden zaten ingebouwd in een hoekmeubel, waar bovenop de tv geplaatst kon worden. Mijn vader had vooral een voorliefde voor grote zangers en
zangeressen als Frank Sinatra, Charles Aznavour, Ella Fitzgerald en Shirley
Bassey. Maar ik herinner me ook dat we singletjes hadden als Bus Stop van The Hollies en No Milk Today van Herman’s Hermits. Mijn
moeder had beduidend minder met muziek. Ze kwalificeerde vaak de muziek die ik
in de zeventiger en begin tachtiger jaren luisterde als teringherrie. Slechts zelden kon het haar goedkeuring
wegdragen en mocht het ook in de woonkamer beluisterd worden. Een van die uitzonderingen was Pigmy World van Jo Lemaire & Flouze.
Jo Lemaire leerde ik kennen dankzij mijn oudere zus, die het debuutalbum van Jo
Lemaire & Flouze had. Grote bekendheid vergaarde Lemaire in 1981 met haar
Europese hit Je suis venue te dire que je
m'en vais, een nummer van Serge Gainsbourg. Het geluid op het album werd, zoals gebruikelijk in die tijd, voor een belangrijk deel bepaald door de synthesizer. De afsluiter Claustrophobia laat echter een heel andere kant van de band horen, want het wordt beheerst door heerlijke Latijns-Amerikaanse ritmes. Ook nu nog is Pigmy World absoluut het beluisteren waard. Na het verschijnen van dit album besloot Lemaire
met succes solo te gaan. Haar solodebuut Concorde
werd uitermate goed ontvangen. Een album met op de ene kant Engelstalige en op
de andere kant Franstalige nummers. Het legde haar geen windeieren en ze trad in
die jaren op grote festivals op, waaronder ook op het Pop-Inn Festival in mijn
woonplaats Etten-Leur. In die jaren zag ik er behoorlijk wat interessante
artiesten optreden. Zo waren er bijvoorbeeld op maandag 4 april 1983 in de
voormalige Veemarkthallen Reality, Klein Orkest , De Kreuners, Het Goede Doel, The Comsat
Angels en het geweldige TC Matic te zien. Overigens zong Lemaire ook
Nederlandstalig en Italiaans repertoire. Ze excelleerde ook in het repertoire
van Edith Piaf. De populariteit van deze veelzijdige zangeres werd helaas langzamerhand
steeds minder. Ook werd het steeds moeilijker om albums van haar te vinden, de
meesten zijn niet meer leverbaar, waaronder Pigmy
World. Wel verkrijgbaar is een verzamelcd met haar bekendste nummers,
waaronder haar grootste hit. Een album, dat mijn moeder de laatste jaren van
haar leven nogal eens opzette. Vandaar dat op dag van haar crematie ook Je suis venue te dire que je m'en vais
gedraaid werd.
BRUUT! & Anton Goudsmit - Go Surfing
Zelf omschrijft het Amsterdamse kwartet BRUUT! hun muziek kernachtig
als superjazz, maar die term dekt niet de gehele lading. Voor hun zesde album Go Surfing lieten de heren zich, net
als op hun album Superjazz, wederom
inspireren door de surfrock uit de jaren zestig. Het album kan met een beetje
fantasie als een eerbetoon gezien worden aan de eerder dit jaar overleden
pionier van de surfrock, Dick Dale. King
of the Surf Guitar was naast zijn bijnaam ook de titel van een van zijn
albums en een song geschreven door Alonzo Willis en vond zijn weg naar dit
album. Trouwens met fantastisch gitaarspel van Anton Goudsmit. Bij de energieke
opener Baha-ree-ba! van The
Trademarks denk je meteen dat je naar een soundtrack van een Quentin Tarantino
film zit te luisteren. Een gevoel wat gaandeweg het album alleen maar sterker
wordt. Uiteraard ontbreken The Beach Boys niet. Surfer Girl krijgt hier een respectvolle ingetogen vertolking met
hoofdrollen voor de sax van Maarten Hogenhuis en Hammond van Folkert Oosterbeek.
The Ventures zijn natuurlijk ook vertegenwoordigd, men opteerde voor Gringo. Daarnaast een aantal minder voor
de hand liggende keuzes, zo wordt bijvoorbeeld Dolly Parton’s Jolene op inventieve wijze “versurfd”. Of
wat dacht je van een korte, spetterende versie van Boogie Stop Shuffle van Charles Mingus, afkomstig van diens onlangs
jubilerende klassieker Mingus
Ah Um? Fraai is ook hun ingetogen versie van Baha, een compositie die ook al terug te vinden was op Superjazz. De enige compositie van eigen
hand is Brant!, hun advies bij dit
nummer is, dansschoenen aan en twisten. Die dansbaarheid geldt voor dit gehele,
moeilijk weerstaanbare album. De soundtrack voor de volgende Quentin Tarantino
film is trouwens altijd klaar, het is alleen nog even wachten op de film.
Hollow Coves - Moments
Australiërs Ryan Henderson en Matt Carins leerde elkaar in
2013 kennen via gemeenschappelijke vrienden. Ze bleken dezelfde passie te
hebben, akoestische muziek, maar ook liefde voor de natuur en een
onverzadigbare reislust. Geen wonder dat ze hun debuut EP uit 2017 Wanderlust noemden, waarvan de tracks Coastline en The Woods meer dan zeventig miljoen keer beluisterd werden op de
digitale platforms. Die EP leverden hen veel reacties op, vooral van
luisteraars die de nodige troost in de liedjes gevonden hadden. Moments is een logische reactie op alle
mooie ervaringen die zij men hun fans hebben mogen beleven. "Ik denk dat dit ons gemotiveerd heeft
tijdens het schrijven van Moments, we
wilden graag songs schrijven die vrede in het leven van de luisteraar
brengen", aldus Ryan Henderson. Hun mainstream indiefolk leunt vrijwel volledig op
hun mooie, warme zang. Moments werd
geproduceerd door Chris Bond, die eerder al samenwerkte met Ben Howard, Justin
Nozuka en Xavier Rudd en is opgenomen in het zuiden van Engeland.
Replay: Bunny Wailer - Blackheart Man
Zeer terecht dat recensent Eddie Aarts in de nieuwste editie van Popmagazine Heaven aandacht schenkt aan de recente release op vinyl van Blackheart Man. Zijn mening dat het een van beste albums uit de
jaren zeventig is en het allermooiste reggae album ooit gemaakt, deel ik
volkomen. Bunny Wailer werd geboren als Neville O'Reily Livingston en kwam
net als Bob Marley uit een eenoudergezin. Ze leerden elkaar reeds in hun prille jeugd
kennen. De vader van Bunny kreeg een relatie met de moeder van Marley, waaruit
hun halfzus Pearl werd geboren. De jeugdvrienden richtten samen met Peter Tosh
the Wailers op, vernoemd naar een verhaal uit de Bijbel. Uit onvrede verlieten in
1975 Tosh en Wailer de groep, omdat vrijwel al leadvocalen door de
charismatische Marley gezongen werden. Waar nadien Marley grote successen
boekte, bleef de bekendheid van Bunny Wailer, geheel ten onrechte, vrij
beperkt. Alleen bij de echte reggaeconnaisseurs wordt Blackheart Man erkend als een klassieker en dat is heel jammer. Zijn
solodebuut bevat parels als Fighting
Against Conviction, Dreamland en This Train. Helaas had Wailer niet het geluk
dat zijn songs, net als Marley, gecoverd werden door bekende muzikanten als
Eric Clapton (I Shot the Sheriff). Nog
een parel is zijn oeuvre is trouwens het album Rock ‘n’
Groove. Het zou mooi zijn als deze heruitgave zijn bekendheid alsnog wat
zou vergroten, aan de kwaliteit ligt het in ieder geval niet.
Carla dal Forno - Look Up Sharp
Haar naam klinkt Italiaans, maar singer-songwriter Carla dal
Forno komt oorspronkelijk uit Melbourne. Rond 2010 en de paar jaren die volgden
maakte ze deel uit van het culttrio Mole House. Daarna woonde ze een tijdje in
Berlijn om zich vervolgens in Londen te vestigen. In 2014 bracht ze samen met
Tarquin Manek als het duo Tarcar het album Mince
Glace uit. Een jaar later werd het duo uitgebreid naar een trio met de
komst van Samuel Karmel en werd de naam veranderd in F INGERS. Men bracht een
album uit, getiteld Hide Before Dinner.
Hierna koos dal Forno met succes voor een solocarrière. Look Up Sharp is haar tweede album en het eerste op haar eigen
label Kallista Records. Het album werd voorafgegaan door de single So Much Better, waarin ze kalme toon
zingend de vloer aanveegt met een ex. Regels als “You were a disaster, I’m glad
I caused you pain” maken veel duidelijk. Muzikaal gezien tapt ze uit
verschillende vaatjes, van lo-fi folk tot aan triphop en postpunk. Maar er
klinken ook Oriëntaalse invloeden in haar muziek door zoals in het intrigerende,
instrumentale Hype Sleep. Dal Forno
vond haar inspiratie bij The Flying Lizards, Brian Eno (Another Green World), Nico (The
Marble Index) en vooral bij Virginia Astley. Het is een cliché, maar Look Up Sharp is een album dat heel snel
onder de huid kruipt. Deze intrigerende dame is binnenkort in Nederland en
België voor concerten.
The Golden Glows - The Songbook of Harry Smith
“With silver synths and pounding drums, Harry Smith’s
Anthology is ready for the 21st Century.”, zo prijst The Golden Glows zelf hun
nieuwste release The Songbook of Harry
Smith aan. De titel verwijst naar Anthology
of American Folk Music, dat gezien kan worden als de bijbel op het gebied
van country, folk en blues. Het werd eind jaren veertig samengesteld door
excentriekeling Harry Smith, die uit zijn immense verzameling 78 toerenplaten
vierentachtig nummers uitkoos stammend uit de periode 1926-1933 en in 1952
uitgebracht werd door Folkways. Smith had een grote voorliefde voor
rangschikken, de songs werden onverdeeld in “Ballads”, Social Music” en “Songs”.
Een groot deel van de liner notes kwamen trouwens van de hand van een andere
excentriekeling, de legendarische gitarist John Fahey, die ooit in een tv-interview
zijn gitaar als asbak gebruikte. Hier
is eventueel een interessant artikel over Harry Smith te vinden. Het nieuwe
album kwam op aandringen van Kurt Overbergh van het Brusselse Ancienne Belgique
tot stand. Sinds 2005 blaast The Golden
Glows songs uit de jaren twintig en dertig met succes nieuw leven in. Bram van Moorhem vond in alt Nel Ponsaers en sopraan Katleen Scheir bondgenoten om dat
doel te verwezenlijken. Solo bracht Katleen eind vorig jaar het prachtige album
Border
Guards uit. Op het in record tempo live in de studio opgenomen album
wordt men op vakkundige wijze bijgestaan door Frederik Meulyzer op drums en
Bram Weijters op toetsen. Opener is de bekende murder ballad Henry Lee, vooral bekend geworden door
het duet van Nick Cave en PJ Harvey en een paar jaar terug nog opgenomen door
Guido Belcanto en Nathalie Delcroix, uiteraard in het Nederlands. Nick Cave en
Guido Belcanto waren niet de enigen die beïnvloed werden door de box,
bijvoorbeeld Bob Dylan haalde ook hier de mosterd. The Golden Glows selecteerde
een dertiental composities, waarvan Black
Jack David en The Butcher’s Boy hun
oorsprong overigens hadden in Verenigd Koninkrijk. Het album is reeds digitaal
te beluisteren, de vinylrelease is op 22 oktober. The Songbook of Harry Smith is een voorbeeldige verzameling moderne
interpretaties van reeds tijdloze liedjes.
Ode aan jubilerend album Jeff Buckley door internationale line-up in Muziekgebouw Eindhoven op 14 december
PERSBERICHT
Op zaterdag 14 december wordt door een internationaal gezelschap aan muzikanten in Muziekgebouw Eindhoven een live eerbetoon gebracht aan Jeff Buckley. Aanleiding vormt het 25-jarig jubileum van Buckleys iconische album ‘Grace’. Gitarist Gary Lucas, voormalig lid van Captain Beefheart en boezemvriend van Buckley, is een van de muzikanten binnen de gelegenheidsformatie. Hij schreef mee aan de eerste twee nummers van het legendarische album en begeleidde de onfortuinlijk om het leven gekomen singer-songwriter in het begin van diens carrière. Marcel Veenendaal van DI-RECT en Lara Chedraoui van Intergalactic Lovers maken ook onderdeel uit van het project.
De bijzondere hommage vindt plaats binnen de context van een Naked Song Special. Deze avond zijn er – net als tijdens het jaarlijkse Naked Song festival, waar deze special een afgeleide van vormt – op meerdere podia binnen Muziekgebouw Eindhoven optredens te bewonderen. Zo wordt met Mooneye en IBE uit België en uit eigen land Eva van Pelt en Ruud Fieten op 14 december een viertal getalenteerde Vlaamse en Nederlandse singer-songwriters gepresenteerd. Tickets voor deze avond kosten € 25,- en zijn verkrijgbaar via de website van Muziekgebouw Eindhoven. De deuren gaan open om 18.30 u, het programma vangt aan om 19.00 u.
De Amerikaan Gary Lucas, die in het verleden ook samenwerkte met onder andere Nick Cave, Lou Reed en John Cale, wordt speciaal voor dit bijzondere project ingevlogen vanuit New York. In Eindhoven deelt hij, naast zijn fabuleuze gitaarspel, bijzondere anekdotes die betrekking hebben op zijn vriendschappelijke en professionele relatie met Buckley en toont hij onuitgegeven videomateriaal van hemzelf met de legendarische artiest.
Jeff Buckley’s Grace – 25 years is een samenwerking van Muziekgebouw Eindhoven, organisator van Naked Song en het Belgische C-mine, organisator van Little Waves in Genk. De show wordt daarom ook in Genk opgevoerd. De artistieke leiding is in handen van zanger/gitarist en Buckley-kenner Pieter Peirsman (bekend van onder meer Hooverphonic en Slow Pilot). Naast Lucas bestaat de band uit het Belgische trio Sebastiaan Leye (gitaar), Davy Deckmijn (drums) en Lesley Troquit (bas). Veenendaal en Chedraoui krijgen vocaal gezelschap van Sarah Pepels en Jente Pironet (beiden van de Belgische band Portland).
Mooneye (solo)
Wie eenmaal Michiel Libberecht alias Mooneye heeft horen zingen, zal dat niet licht vergeten. Gezegend met een gouden strot en dan ook nog tijdloze songs kunnen schrijven, er zijn muzikanten die met minder bedeeld zijn. Melancholische indiepop en -folk die het midden houdt tussen Fleet Foxes en Beirut. Luister naar ‘Thinking About Leaving’, het nummer waarmee Mooneye eerder dit jaar winnaar werd van de Nieuwe Lichting van Studio Brussel, en je gaat geheid voor de bijl.
IBE
Wat goed is komt snel. Clichés zijn waar, en zeker in het geval van de Belgische IBE. Op 17-jarige leeftijd schreef hij achtereenvolgens een door Studio Brussel geïnitieerde Ed Sheeran coverwedstrijd en The Voice van Vlaanderen op zijn naam. Dat laatste wapenfeit leverde hem als bijvangst een platencontract op, waarna zijn eerste single ‘Table of Fools’ direct de nummer 1-positie in De Afrekening bemachtigde. Uitverkochte concertzalen, een show als jongste artiest ooit op nationale festivaltrots Rock Werchter en karrenvrachten aan positieve respons vanuit de media; hoog tijd de landsgrens richting het noorden over te steken, want Nederland is inmiddels ook wel benieuwd. En dan is het wel zo logisch om de zegetocht in het zuidelijke Eindhoven te beginnen.
Eva van Pelt
In een behoefte om het werk van Eva van Pelt te duiden kan gerefereerd worden aan vakzusters als Wende, Roosbeef of Iris Penning. Maar met haar debuutalbum ‘ZWART’ (2016) introduceerde de Brabantse vooral een nieuw en eigen geluid in het Nederlandstalige muzieklandschap: donker, fris en eigenwijs. Dit jaar verscheen haar nieuwe EP ‘HIER’, een volgend hoofdstuk in haar zoektocht naar een ander contact met haar publiek. Jouw kans om haar hiermee te helpen is, euh, hier.
Ruud Fieten
De Meppelse singer-songwriter Ruud Fieten lanceerde zichzelf in 2015 met de in eigen beheer uitgebrachte EP ‘In Orbit’. Het leverde hem een show op Eurosonic 2016 op en een selectie voor de Popronde datzelfde jaar, wat leidde tot maar liefst 26 Popronde-optredens. Zijn eigenzinnige folkliedjes brengt hij met een warm en intrigerend stemgeluid. Soms klein en tekstgeoriënteerd, soms luid en energiek, maar altijd rauw en vol betekenis. Vorig jaar sleepte Fieten de Ad van Meurs Juryprijs in de wacht voor Het Mooiste Liedje van 2018.
Abonneren op:
Posts (Atom)









