Björn van der Doelen & Allez Soldaat - Caballero Zonder Filter

Caballero Zonder Filteris het derde album van zanger en liedjesschrijver Björn van der Doelen samen met zijn groep Allez Soldaat. Het op Continental verschenen debuut D’n Duvel Die Slaapt Nooit kon direct rekenen op lovende kritieken. De bezetting hierop was nog niet zo uitgebreid als de twee albums die zouden volgen. Het is een prachtige verzameling rootssongs met klassiekers in de dop als De Breezer-Sletjes-Bluesen vooral Kruispunt. Laatstgenoemde reken ik tot de mooiste Nederlandstalige liedjes ooit gemaakt. Opvolger Als De Wolven Janken werd in eigen beheer uitgebracht en werd wederom met positieve recensies overladen. Hierop zouden ook blazers hun intrede doen. Een van mijn favorieten hierop is Mooie Zondag, overigens prachtig gezongen door Björn’s partner Ellen Jeurissen, een van de constante factoren op alle drie albums.


Caballero Zonder Filterwerd, net als de vorige twee, wederom vakkundig geproduceerd door Gabriël Peeters, die ook hier weer diverse instrumenten bespeeld. Zijn inbreng is volgens Björn erg groot. Tekstuele adviezen kreeg hij van Gerard van Maasakkers en vooral van Michiel Lieuwma. De liedjes zijn weer iets persoonlijker geworden dan die van vorige albums. Bovendien zijn de meeste wat meer ingetogener van aard. Een van de uitzonderingen hierop vormt het geweldige Zeven Zonden, waarin op bekwame wijze naar een climax wordt toegewerkt. Excellent gitaarwerk van Allez Soldaat van het eerste uur, Ruud van den Boogaard en dito orgelpartij van Gabriël Peeters. Voor het eerst verschijnt op schitterende wijze een viool in het aandoenlijke Vriend, bespeeld door ‘huursoldaat’ Alex Akela.


In de lofzang op The Boss, Och War Ik Mar Bruce Springsteen, keert de viool nog een keer terug, maar krijgen, net als in de muziek van Springsteen, blazers de nodige ruimte. Het meest aanstekelijk is Nieuwe Dag, waarin heerlijke ritmesectie en blazers te horen zijn. Het is duidelijk dat Björn over meer dan uitstekende begeleiders beschikt! Ontroerend is zijn ode aan zijn moeder in Moederke, voorzien van een mooie, persoonlijke tekst. De overige liedjes zijn ook voortreffelijk. Björn van der Doelen zingt zijn liedjes met een prachtig Brabants accent. Alles is goed verstaanbaar, toch wordt er ook een tekstboekje meegeleverd. Het gebrachte materiaal is behoorlijk gevarieerd en van een constant niveau.

Het album is uitgebracht op Bastaard Platen. Dit label is in 2013 opgericht door Mathijs Leeuwis en Jeroen Kant. Hun bedoeling is om het betere Nederlandstalige product onder de aandacht te brengen, een nobel streven. De vorige twee albums waren al erg mooi. Caballero Zonder Filter is zijn mooiste tot nu toe.


Theo Volk

Website http://bjornvanderdoelen.nl/
Releasedatum 13 maart Bastaard Platen

Cd-Releasetour
13/3 TILBURG: Theater De Boemel
14/3 TILBURG: Tilt @ Theaters
23/3 EINDHOVEN: Mr. Frits
27/3 WAALWIJK: Atelier Winterdijk
7/4 AMSTERDAM: De Nieuwe Anita
10/4 UTRECHT: Mirliton Theater

Doug MacLeod - Exactly Like This



Doug MacLeod is een ervaren bluesmuzikant, wiens catalogus intussen ongeveer een twintig tal studio albums bevat. There’s a time uit 2013 won de Blues Music Award voor het akoestische album van het jaar en hijzelf die van beste akoestische artiest van het jaar. Volgens mij terecht, want het is een fantastische plaat en hijzelf een voortreffelijk muzikant.

Over There’s a time schreef Rein v.d. Berg voor Johnny’s Garden een recensie. Exactly like this werd volgens hetzelfde, beproefde recept opgenomen als zijn voorganger. Dus volledig live, zonder gebruik te maken van overdubs en andere aanpassingen.

Hij ziet het resultaat als een eerbetoon aan zijn vele muzikale invloeden, die variëren van Wes Montgomery, Louis Jordan, Jerry Reed, Tony Joe White, John Lee Hooker tot zelfs Duke Ellington. Hij wordt op Exactly like this bijgestaan door de zeer ervaren musici Mike Thompson op piano, Jimi Bott op drums en percussie en Denny Croy op bas.

De opnames duurde slechts twee dagen. Het door Doug MacLeod zelf geschreven materiaal is behoorlijk gevarieerd, zo tref je naast boogie woogie bijvoorbeeld ook een countrynummer aan! De musici voelen elkaar perfect aan. De andere musici krijgen van Doug ook de nodige ruimte om te excelleren, zoals in Ridge runner. Hierop bespeelt Jimi Bott op inventieve wijze een wasbord en Denny Croy tovert een werkelijk sublieme solo uit zijn staande bas.

De teksten bevatten zoals gebruikelijk weer de nodige humor en gaan met enige regelmaat over vrouwen. De geluidsopnames zijn, net zoals op de vorige cd, van superieure kwaliteit en vastgelegd op een HDCD. Uiteraard ook op een gewone cd-speler afspeelbaar. Er wordt een uiterst informatief boekje meegeleverd, waarin bijvoorbeeld meer te vinden is over het ontstaan van de nummers.

De titel voor het album werd overigens met grote aandrang aanbevolen door een fan (een vrouwelijke, uiteraard) . De foto op de voorkant van de hoes werd door de Eindhovense fotograaf Theo Looijmans gemaakt tijdens een optreden in het Cultuurhuis in Heerlen. Op 29 september zal hij daar weer aanwezig zijn voor een optreden.

Theo Volk

Releasedatum: 10 maart 2015 Reference Recordings
Website: http://www.doug-macleod.com/


False Lights - Salvor

Soms gaan dingen razend snel. Onlangs stuurde ik een Facebookberichtje naar Jim Moray om hem te complimenteren met zijn werk als producer van het album van Tir Eolas. Tevens stelde ik de vraag wanneer ik een recensie zou kunnen schrijven over de opvolger van het prachtige solo album Skulk. Tot mijn verbazing kreeg ik binnen enkele minuten antwoord en was ik een Bandcamp downloadcode voor Salvorvan False Lights rijker!

False Lights werd door Moray en Sam Carter opgericht tijdens een avondje hangen aan de bar. Het idee was om een folkrock groep in de stijl van de late jaren zestig op te richten. Beiden zijn al gevestigde namen in de folk en hebben diverse solo albums op hun conto. Sam Carter behoort tot de beste finger-picking gitaristen van Engeland. Verder werden Nick Cooke (melodeon), Tom Moore (viool), Jon Thorne (bas) en Sam Nadel (drums) gerekruteerd. De naam van de groep is ontleend aan het boek The Wreckers van Bella Bathurst. De valse lichten staan in dit boek voor nep vuurtorens om schepen op de klippen te laten lopen, Salvor staat voor degene die wrakstukken bergt.


De meeste traditionals op Salvor zijn terug te vinden in de Round Folk Song Index, waarin bijna 25.000 songs zijn verzameld door de voormalige bibliothecaris, Steve Roud. Zijn index is een combinatie van de Broadside-index en de bronnen van Francis James Child (The Child Ballads). Al in opener The Wife of Usher’s Well (Child ballade 79) wordt duidelijk dat je niet te maken hebt met een doorsnee folk-album. Dit met name door het aparte koortje en de energieke manier waarop het wordt gebracht. Mooi is het gitaarspel in Polly On the Shore. Bijzonder origineel is de toevoeging van een mondharmonica aan The Banks of Newfoundland, geschreven door opperrechter Francis Ford in 1820. Behoorlijk opzwepend is, vooral door de drums, Skewball, vernoemd naar een achttiende eeuwse paardenrace. De heerlijke instrumental The Charlesworth Hornpipe, gespeeld in 3/2, is het meest moderne stuk op Salvor.

Het gedragen, ingetogen en prachtig gezongen The Indian’s Petition, is ontleend aan het liederen- en hymneboek van William Walker uit 1866. Ook How Can I Keep from Singingheeft een religieuze achtergrond. Oh Death is een Amerikaanse folk traditional, bekend geworden door Dock Boggs. Heel mooi is afsluiter Crossing the Bar, dat door orgel en trompet wordt gedragen.


Salvor krijgt in Engeland de nodige positieve kritieken, waaronder van autoriteit op het gebied van folk, Froots. Zij beloonden Salvormet de maximale score en spraken bovendien de verwachting uit dat het misschien tot een opleving van de folkrock kan leiden. Salvor kenmerkt zich door gevarieerdheid, avontuur, originaliteit en de energie waarmee de songs gebracht worden. Tevens kan het gezien worden als een schatkamer van het (her)ontdekken van andere prachtige folk.

Theo Volk

Website: http://falselights.co.uk/ en http://falselights.bandcamp.com/album/salvor
Releasedatum, 2 februari 2015 Wreckord Label

Dear Sister - Silver Dagger

Enige maanden geleden schreef ik een recensie over Fly To Home van Natalie Ramsay. Zij schreef me in onderlinge correspondentie dat Dear Sister een van haar favoriete groepen is. Op hun website stond toen alleen het debuutalbum Dear Sister uit 2010 vermeld. Gelukkig heb ik attente en enthousiaste muziekvrienden als Gerard, die me twee weken geleden wees op de release van Silver dagger (Nogmaals bedankt!). Zijn enthousiasme is zeer terecht.


De vaste kern van Dear Sister bestaat uit Bri Salmena (gitaar, zang, percussie), Raven Shields (gitaar, zang, percussie) en Aaron Comeau (gitaar, piano, banjo, percussie). Twee nummers werden geschreven door Bri, de overige zeven door Raven. De dames zijn gezegend met prachtige stemmen, die bijzonder goed bij elkaar passen, al ware het echte zussen. De muziek stoelt met name op percussie en zang.

De heerlijke opener Wagon is een spannend, traag voortslepend nummer met fraai gitaarwerk en subtiele percussie. Uit een heel ander vaatje wordt getapt in Game, een zeer lekker countrynummer met een aanstekelijk refrein en twangy gitaar. Bloedmooi is het ingetogen liefdesliedje Lucky Day, het wordt vooral gedragen door de mooie pianobijdrage. Gold & Rose heeft een trage, ritmische opbouw en een fraaie melodie. De zang is hier uitzonderlijk mooi. Trommels dragen het ritmische en licht hees gezongen Yours & Mine,waarbij percussie en gitaren om de beurt de aandacht vragen. Dit stuk kent een mooie opbouw.
 

Een van de onbetwiste hoogtepunten vormt het sobere Waves, met een melodie die lang blijft rondzingen in je hoofd. De twangy gitaar komt weer te voorschijn in het catchy en swingende Fox. Een van de sterkste nummers is zonder meer Tavern. Er wordt langzaam naar een climax toegewerkt, vooral de bijdrage op gitaar is geweldig. De afsluiter Reprise kenmerkt zich vooral door het eenvoudige, maar intrigerende pianospel.

De afgelopen weken is Silver Dagger voor mij uitgegroeid tot een zeer verslavende en intrigerende cd.


Theo Volk

Website http://dearsister.bandcamp.com/
Releasedatum 17 januari 2015 in eigen beheer

Loes Swinkels - Nothing As I Know




Op zeer jonge leeftijd begon de uit Limburg afkomstige Loes met het schrijven van gedichten, maar op haar zestiende leerde ze gitaarspelen en verschoof haar aandacht van gedichten naar liedjes schrijven. Een veelvuldig thema in de liedjes was liefde en vrijheid.

Haar eerste album Passionately lonely, in eigen beheer uitgegeven, kwam uit in 2009. Het was een album geïnspireerd door moderne songwriters. Het bleek achteraf toch niet de richting die ze uit wilde. Haar muzikale interesse was namelijk intussen opgeschoven richting blues, americana en soul. Vooral zangeressen als Bonnie Raitt, Patty Griffin, Susan Tedeschi en Aretha Franklin gelden als groot voorbeeld.

Nothing as I know wordt door Loes dan ook gezien als een nieuw begin. Ze vond de afgelopen jaren de sound die ze wilde en dat de tijd rijp was om een nieuw album op te nemen. Daarbij pakte ze de dingen groot aan, want ze wist zeer ervaren muzikanten voor haar cd te strikken.

De producer van het album is Gabriël Peeters in wiens Eindhovense studio het album werd opgenomen. Bovendien speelt hij diverse instrumenten op het album. Verder Rob Geboers op Hammond orgel, BJ Baartmans (gitaar op 2 songs) en Richard van Bergen (gitaar op overige songs). Richard van Bergen bracht overigens onlangs zijn prachtige, lang verwachte album Rootbag uit.

Voor de opnamen namen Loes en Gabriël enkele maanden de tijd. Het resultaat is er dan ook naar! Het is een prachtige, gevarieerde plaat geworden, veelal bluesy materiaal, maar er is ook plaats voor meer ingetogen songs. Loes beschikt over een krachtige en veelzijdige stem. Maar ze is ook in staat om liedjes op een gevoelige en ingetogen manier te brengen.

De gebrachte liedjes zijn hoogstaand, maar de ervaren musici tillen het geheel naar een nog hoger plan. Het is een groeialbum geworden dat als een warme deken aanvoelt en langzaamaan verslavend wordt. De klaphoes van Nothing as I know en tekstboekje zijn buitengewoon keurig verzorgd.

Op 28 februari is de releaseshow in Cultureel Podium Maria Roepaen. Mis haar niet, zowel de cd als het optreden!

Theo Volk

Releasedatum: 28 februari 2015 Sonic Rendezvous
Website: http://www.loesswinkels.com/


Sarah McQuaid - Walking Into White

Haar eerste drie albums werden geproduceerd door Gerry O’Beirne. De eerste twee verschenen al in de jaren negentig, nummer drie The Plumtree and the Rose pas in 2012. Dat kwam doordat ze van 1994 tot 2007 in Ierland werkzaam was als muziekjournalist. Door familiale omstandigheden verhuisde ze in 2007 naar Cornwall. Daar pakte ze de draad van haar muziekcarrière weer op. Vooral het in 2012 verschenen The Plumtree and the Rose kreeg zeer positieve kritieken. Ondanks dat besloot ze voor de nieuwe cd geen beroep meer te doen op Gerry O’Beirne.

Voor Walking Into White trok ze van Cornwall, Engeland naar het kleine plaatsje Cornwall in Amerika, waar haar neef Adam Pierce een studio heeft. Adam Pierce produceerde samen met zijn vriend Jeremy Backofen de plaat. Met het aanstellen van hen nam ze een risico, omdat beiden geen ervaring met folk artiesten hebben. De keuze viel op hen omdat Sarah nieuwe muzikale wegen wilde inslaan. De eerste drie albums waren prachtig, maar kennen niet al te veel dynamiek.


Drie songs op Walking Into White zijn gebaseerd op de serie kinderboeken getiteld Swallows and Amazons geschreven door Arthur Ransome. De boeken gaan over vakantie avonturen van kinderen. Ooit las ze deze boeken voor aan haar eigen kinderen, Lily Jane en Eli. Over haar zoon schreef ze het nummer Yellowstone. Direct in Low Winter Sun is de invloed van Adam en Jeremy duidelijk, een duidelijk andere sound, een gitaar die klinkt als een piano en het gebruik van een jaren tachtig synthesizer zorgen voor een bijzondere sfeer. Where The Wind Decides To Blow is een heerlijk ritmisch, ietwat heavy up-temponummer. Vooral het halverwege invallen van de drums is geweldig. The Tide is een prachtig ingetogen song die ze samen zingt met Adele Schulze. In de voortreffelijke instrumental I Am Grateful For What I Have wordt de klassieke gitaar subliem bespeeld door Dan Lippen. Net als in Solid Air op The Plumtree and the Rose schittert in de titelsong een trompet, ditmaal bespeeld door Gareth Flowers.

Zeer bijzonder is Jackdaws Rising, oorspronkelijk een instrumental van de groep Brocc en getiteld 13 Moons. Sarah schreef er een tekst voor. De melodie is 4/4 maar de percussie is in 5/4! Meerstemmige vocalen worden begeleid door handgeklap en stampvoeten. Een ongelofelijk ingewikkeld nummer, wat bijna onmogelijk wordt om live te spelen. Yellowstone is een prachtige, ingetogen song over haar zoon Eli. Het roept bij mij associaties op met At Seventeenvan Janis Ian. De klassieke gitaar doet hier Spaans aan. Het uptempo The Silver Lining was al bekend als single. Leave It For Another Day, voorzien van een verrukkelijke melodie, schreef ze samen met Gerry O’Beirne. Een lied wat geheel via e-mail tot stand is gekomen. Ze is terecht trots op het resultaat. De cd sluit af met twee covers. Canticle Of The Sun is gebaseerd op de zeer bekende hymne Lasst uns Erfreuen uit 1623. De oorspronkelijke tekst is van Franciscus van Assisi en later aangepast door William Henry Draper. Afgesloten wordt met de Ewan MacColl evergreen The First Time I Saw Your Face. Dit lied wilde ze al heel lang opnemen.


Het inslaan van nieuwe wegen is wonderwel geslaagd met dank aan de producers met hun verfrissende kijk op het geheel. Graag wil ik ook nog melding maken van het even prachtige als informatieve tekstboekje dat bij dit album gevoegd is. Walking Into White is wat mij betreft haar mooiste album tot dusver.

Theo Volk

Releasedatum 2 februari 2015 Waterbug Records


 

SPRING TOUR 2015

6/3      STEENDAM, NL: Podiumcafe Peter en Leni
            (plus DADGAD guitar workshops 7/3)
8/3      OOSTERWOLDE, NL: Aktiviteitencentrum De Miente
8/3      DIEVER, NL: Huntershof
10/3    HEERLEN, NL: Cultuurhuis Heerlen – Rootscafé
11/3    GREVENBROICH, DE: Barrensteiner Whiskybar
13/3    MARBURG, DE: Spiegelslust Turmcafe
14/3    BERLIN-KREUZBERG, DE: The Fahrradkeller
15/3    BERLIN-PANKOW, DE: Zimmer 16
19/3    NUENEN, NL: Living Room Concerts
20/3    ANTWERP, BE: Het Stadsmagazijn
21/3    HAARLEM, NL: Appel Brasserie en Podium
22/3    BAD HONNEF, DE: Folk im Feuerschlösschen
26/3    KÖLN, DE: Kulturcafe Lichtung
27/3    FÜRTH, DE: Kofferfabrik

Janne Schra - Ponzo



Ondanks dat Janne nog niet halverwege de dertig is, is ze toch al bijna 15 jaar professioneel actief in de muziek. Ze maakte van 2001 tot 2010 deel uit van de formatie Room Eleven, die 2 zeer succesvolle albums maakte met jazz en popmuziek. De eerste werd platina en de tweede goud.

In 2011 bracht ze haar eerste, in Stockholm opgenomen, solo album uit onder haar schilderspseudoniem Schradinova. Hierna raakte ze betrokken bij talloze muziekprojecten van anderen, waaronder van De Staat, de groep van haar vriend Torre Florim.

Het solo succes werd vervolgens gecontinueerd met de prachtige cd Janne Schra, uitgebracht onder haar echte naam. Er volgde hierna weer een periode met de nodige andere projecten, waaronder een cd met het Robin Nolan Trio, gevuld met liedjes in de stijl van Django Reinhardt.

Na het reeds bereikte mocht dus het nodige van dit nieuwe album, PONZO, verwacht worden. PONZO werd door Janne en haar vriend Torre in de eigen woonkamer opgenomen. De titel is afgeleid van de ponzo-illusie, oftewel optische illusie. De Italiaanse psycholoog Mario Ponzo ontdekte dat in de menselijke waarneming de grootte van een object wordt beoordeeld tegen de achtergrond.

De plaat opent met het heerlijke Ship, dat een ijzersterk refrein bezit , tempowisselingen en inventieve percussie. Het is moeilijk stilzitten bij het uiterste vrolijke en aanstekelijke Everything I Do Ooh Ooh, een geheide (zomer)hit. Volgens hetzelfde stramien is Filthy Rich, op een stuiterend ska-ritme en opzwepende percussie.

Het eerste rustpunt op de cd is het ingetogen Good Now, gevoelig gezongen door Janne. Vooral in dit soort rustige nummers komt haar fraaie stem volledig tot haar recht. Het tempo wordt weer opgevoerd in Carry On. Het refrein spookt de laatste dagen regelmatig door mijn hoofd. Buitengewoon fraai is The Show, met een gitaar die een walsje speelt.

Apart is You are Still New, zeer inventief van opbouw! Stilzitten is wederom niet mogelijk in Scare Me, ook een zekere (zomer)hit. Vervolgt wordt met het rustige City (inclusief hondengeblaf). Trommels domineren 100 Pictures. Mooi is de achtergrondzang van Torre en het enigszins tegendraadse gitaarspel. De plaat wordt magnifiek afgesloten met het stemmige Little Bamboo.

PONZO is voor mij haar mooiste album tot nu toe geworden.

Theo Volk

Releasedatum: 13 februari 2015 V2 Records
Website: http://janneschra.com/en/home




Alex Hodgson - The Brig Tae Nae Where

Dit jaar verschenen er de nodige mooie Schotse albums van onder meer Siobhan Miller, Grant Campbell, Eddi Reader, King Creosote, Roddy Frame en Kaela Rowan. Alleen King Creosote kreeg de aandacht die het verdiende. Ook in het verleden gebeurde het regelmatig, dat Schotse artiesten niet op juiste wijze werden gewaardeerd. Bijvoorbeeld de geweldige zanger en liedjesschrijver Jackie Leven kwam nooit verder dan de cultstatus. Geen idee waar dat aan ligt.



Ook het album The Brig Tae Nae Where (The Bridge to Nowhere) van Alex Hodgson kreeg amper aandacht buiten Schotland. In Schotland is hij vooral in de laaglanden erg populair. Zo trad hij bijvoorbeeld al diverse malen voor de koningin op in Balmoral Castle. Hij is tweemaal winnaar (2005 en 2009) van het in Schotland zeer hoog aangeschreven Burnsong. Iedere week treedt hij live op in het radioprogramma “The best of Scottish” met een nieuw geschreven lied. Daarnaast is hij een groot verhalenverteller (ook beroepsmatig), speelt hij regelmatig mee in amateurtoneelstukken en is hij ook nog kinder- entertainer.

The Brig Tae Nae Whereis het tweede album van Alex Hodgson voor Greentrax. Qua manier van zingen doet hij me denken aan Jim McCann. Hij zingt op dezelfde lyrische en pure wijze. De teksten zijn gebaseerd op familiale vakantieherinneringen voornamelijk afspelend in Belhaven Bay. Veelal zijn ze melancholisch gestemd. De cd opent met het heerlijke uptempo en ritmische The Street ‘O’ Sorrows. Direct valt op met hoeveel passie Hodgson zingt. Het prachtige en ingetogen Bonnie Megdoet erg traditioneel aan, maar is toch door Alex zelf geschreven. Een glansrol is hier weggelegd voor Kenny Hutchison op accordeon. Daarnaast speelt hij ook onder andere piano op dit album. Verder wordt hij omringd door de volgende, geweldige muzikanten: Garry Evans op bas, Judith Smith op viool, Nick Riley op fluit en James MacKintosh op gitaar. Zeer aanstekelijk is The Guid Auld Trams, een lied wat erg uitnodigt tot meezingen. Een van de mooiste melodieën op de plaat bezit Doon Pinkie Cleugh. Ook hier is de bijdrage van de accordeon buitengewoon fraai. The Herring Road bestaat uit drie delen, verspreid over de plaat. De zang weet hier diep te raken.

 
Erg traditioneel doet The Brig Tae Nae Whereaan, maar is toch door hemzelf geschreven. Ritmisch van opbouw is Star O’ the East. Het gesproken en sfeervolle A Summer Tale toont aan dat hij een geboren verhalenverteller is. Het overbekende My Luv’ is Like a Red Red Rose van Robert Burns krijgt hier een zeer passionele uitvoering. De enige andere cover op het album is The Shoals O’ Herrin’ van Ewan MacColl, wat een zeer traditionele uitvoering krijgt. Niet helemaal mijn kopje thee.

Zonder andere liedjes te kort te willen doen, prijsnummer op de cd is voor mij We’ve Lost a Lark. De fluit steelt hier de show. Het album sluit af met het aanstekelijke The Toun O’ Prestopans, inclusief kinderkoor. Prestopans is trouwens de plaats waar Alex Hodgson al zijn hele leven woont. The Brig Tae Nae Where is een puur folk album wat veel meer aandacht verdient dan dat het tot nu toe gekregen heeft. Een van mijn grote favorieten van 2014!


Theo Volk

Webpage http://www.alexhodgson.net/
Releasedatum 11 augustus Greentrax

Natalie Ramsay - Fly To Home


Onlangs werd ik door Hans (M.) getipt om eens naar dit album, van de voor mij totaal onbekende Natalie Ramsay, te luisteren. Deze 25 jarige is geboren in Winnipeg en woont momenteel in Vancouver. Op de middelbare school kreeg ze les van muziekleraar en klassiek componist Zane Zalis. Hij moedigde haar aan een muziekcarrière te ambiëren. Een paar van haar favoriete artiesten zijn, The Wailin Jennys, Imaginary Cities maar ook het Nederlandse I am Oak. Haar eerste soloalbum Alien bracht ze al op haar zeventiende uit in 2007 en had met twee nummers van dit album hits op de Filippijnen. Hierna sloot ze zich aan bij het dames folk trio Prairie Jewel. Hiermee toerde ze langs de oostkust van Canada en Amerika. Op haar twintigste begon ze het duo Little Darjeeling, waarmee ze live speelde tijdens muziek yogaklassen. Daarnaast maakt ze ook nog deel uit van het duo WeAreWater. In 2012 behaalde ze trouwens in India een diploma om yogalessen te mogen geven. Ook bekwaamde ze zich daar in de henna-art. Daarnaast houdt ze zich ook nog bezig met schilderkunst. Bovendien reist ze graag en veel.

 
Na terugkomst uit India besloot ze een nieuw soloalbum te gaan maken. De basistracks nam ze in haar eentje op bij haar ouders en in haar eigen appartement. Het zijn songs geworden, die een weerspiegeling zijn van haar veelvuldige reizen in binnen- en buitenland, vandaar de titel Fly to Home. Het eerste wat opvalt bij de beluistering van deze plaat is de werkelijk prachtige en heldere stem van Natalie. Ook weet ze de luisteraar direct te raken met haar gevoelige manier van zingen. De songs kennen een sobere, maar subtiele opbouw. Opener Red Sun zet direct de toon. De begeleiding is minimaal, waarbij vooral de slidegitaar de song naar een hoger plan tilt. Aanstekelijk is Love Comes Every Time, waarbij de close harmony met haar goede vriendin Ainsley Borus prachtig is en verraadt dat de ze al heel lang samenwerken.

Wonderschoon is Hummingbird and the Wandering Willow. Natalie wordt hierop begeleid door een weemoedige cello, de zang is ingetogen. Misschien nog mooier is Broken Mirrors, buiten de prachtige begeleiding op cello en banjo (op zeer vakkundige wijze bespeeld door haar vader), is de zang hier intens en uitzonderlijk mooi. Bijzonder ingetogen is het titelnummer met wederom fraaie close harmony. Song to the Sea kent een grote onderhuidse spanning en behoort voor mij tot de mooiste songs op de cd. Misschien wel het mooiste nummer is Hand It Over. Vooral de cello- en banjopartij zijn bloed mooi, kippenvel. Zeer verrassend en mooi is haar buitengewoon gevoelige mondharmonicaspel op Differences Of Trees. Erg emotioneel is de zang in Here and Now, haar vader excelleert hier op banjo. Wederom kippenvel. Meadowlark is een fraaie pianoballade, waarbij de gevoelige zang naar grote hoogten wordt gestuwd. Hopelijk worden op een volgend album de piano (en mondharmonica) meer gebruikt. Farewell is een sfeervol gesproken song, met ingetogen achtergrondvocalen. Het album wordt op fraaie wijze afgesloten met Blue Cave.


Fly to Home kan voor mij tot de allergrootste verrassingen van 2014 gerekend worden. Natalie Ramsay biedt trouwens Fly to Home op bijzondere wijze aan, via The Art Of Asking. Het is een methode die ze overgenomen heeft van Amanda Palmer (The Dresden Dolls). De cd kan gratis van Bandcamp gedownload worden en kan men zelf later bepalen wat men de muziek waard vindt. Ook kan men naderhand via haar zelf de cd bestellen.

 
Theo Volk
 
Releasedatum 1 september 2014 Eigen Beheer
 

Alex Highton - Nobody Knows Anything




Door de scheiding van zijn ouders groeide Alex Highton gedeeltelijk op in zijn geboortestad Liverpool en voor het overige deel in Florence, Italië. Zijn zomervakanties bracht hij door bij zijn vader. Die beschikte over een eclectische muziekverzameling van onder andere Talking Heads, Penguin Cafe Orchestra en The Band tot aan David Ackles, welke Alex met volle teugen absorbeerde.

Zijn muziekcarrière zou echter pas laat van de grond komen door slechte keuzes en teveel knipperlichtrelaties. Tijdens de periode dat hij een zenuwinzinking had, leerde hij zijn toekomstige vrouw Patricia kennen. Dank zij haar kwam hij er helemaal bovenop en schreef toen de liedjes voor Woodditton Wives Club. Deze nummers kunnen voor een deel gezien worden als een soort therapie, en voor een ander deel als zijn kijk op zijn nieuwe leven.

Het album Woodditton Wives Club werd in Nederland alleen op juiste waarde geschat door Popmagazine Heaven, die het terecht zag als een meesterwerk. Het is een prachtige verzameling melodische folksongs. Voordat dit album verscheen maakte Alex Highton deel uit van de groep Mohanski, die in 2007 het leuke album Hotdog Chihuahua uitbracht. Helaas bleef het succes van deze groep uit, mede veroorzaakt doordat men liever gewoon in cafés rondhing. De overige leden zijn tot op heden nog steeds goede vrienden van hem.

De lat werd door het debuutalbum erg hoog gelegd voor de nieuwe cd. De belangrijkste invloeden voor Nobody knows anything zijn volgens Alex, Joni Mitchell, Here We Go Magic en Sufjan Stevens. Niet zozeer het geluid of stijl, maar meer de benadering. Tijdens het opnemen waren er geen regels, de songs konden alle kanten uitgaan. En dat is precies wat er ook gebeurde. Bijna in iedere song is de instrumentatie en zijn de gebruikte instrumenten anders. In Panic wordt zelfs gebruik gemaakt van 2 drumcomputers, en komt hij daarmee weg.

Die grote variatie heeft gelukkig niet geleid tot een onevenwichtig en inconsistent album, integendeel. De enorme variatie maakt het juist tot een zeer aangename luistertrip langs songs, die zeer snel aan kracht winnen. De titel van het album is trouwens een uitspraak van William Goldman, waarmee bedoeld wordt dat je nooit zeker kunt zijn dat iets wel of niet zal werken. Gelukkig voor Alex doet het hier in ieder nummer wel.

Met de teksten op dit album is ook niets mis, zoals bijvoorbeeld in het beschouwende Randy Newman-achtige Somebody Must Know Something :
God is dead,
Or he’s left,
That’s the only explanation,
To the pain and distress,
That he clearly loves to cause,
Well maybe it’s just,
That he’s finally lost his patience,
He is never coming back again.

Vermeldenswaard zijn de drie duetten op het album. Kills zingt hij samen met Nancy Wallace. The Evil That Men Do wordt vertolkt samen met de 73-jarige folklegende Bonnie Dobson, die het bekende lied Morning Dew schreef. Zij is overigens met een opmerkelijke comeback bezig. Ze bracht onlangs, een met goede kritieken overladen, nieuwe cd uit. De heerlijke, relaxte afsluiter It’s, zingt hij samen met zijn vrouw Patricia. Alex had hier wel enige overredingskracht voor nodig om haar zover te krijgen om mee te zingen. Patricia is overigens een zeer talentvol kunstenares. Alex verzorgde zelf alle strijkers- en blazersarrangementen. Het album werd geproduceerd door David “Bear “ Dobson.

De hoesfoto en de foto’s in het tekstboekje werden gemaakt door goede vriend en beroepsfotograaf Frank van Delft. De foto’s werden in Den Bosch gemaakt bij Stichting Onterfd Goed. Met Nobody knows anything is hij erin geslaagd om het debuut te evenaren, misschien wel te overtreffen. In ieder geval wat variatie betreft. Het is te hopen dat deze cd niet hetzelfde lot beschoren zal zijn als zijn voorganger.


Theo Volk

Releasedatum: 13 oktober 2014 Gare Du Nord
Website: http://alexhighton.co.uk/